Met de feestdagen in zicht wordt er weer volop gedacht aan alcohol. Alcohol in allerlei vormen en kleuren: met of zonder bubbels, met of zonder een laagje schuim, in grote of in kleine glazen.
Tijd om enkel feiten op een rijtje te zetten.
De hamvraag blijft natuurlijk: hoe word ik sneller nuchter?
Je kan de afbraak van alcohol niet versnellen en dus ook niet sneller nuchter worden. Of je dus veel koffie drinkt, een koude douche neemt, veel beweegt of de frisse lucht opzoekt, speelt geen enkele rol. Misschien voel je je meer nuchter, maar er verandert niets aan het alcoholgehalte in je bloed.
Allerlei lapmiddelen zoals limonade, suikerwater, wonderdrankjes of mirakelpillen helpen daarbij geen zier. Alle ontnuchteringsmiddeltjes zijn nep en kosten enkel geld.
Volgende vraag: hoe lang blijf je dronken?
Alcohol komt via de slokdarm in de maag terecht. Via de maagwand wordt 20% van de alcohol in het bloed opgenomen. Vervolgens gaat de alcohol naar de dunne darm, waar de rest snel wordt opgenomen.
Na ongeveer 10 minuten bereikt alcohol via het bloed de hersenen. Vanaf dan ondergaan de hersenen en het zenuwstelsel de (verdovende) werking van alcohol, waardoor ons beoordelingsvermogen en sociale remmingen voor een stuk wegvallen.
Als er voedsel in de maag zit, duurt de opname van alcohol iets langer.
Het grootste gedeelte van de alcohol in het bloed, ongeveer 95%, wordt dan geleidelijk door de lever afgebroken. De overige 5% wordt uit het lichaam verwijderd via urine, zweet en de ademhaling.
De lever heeft gemiddeld 1,5 uur nodig om een standaardglas alcohol af te breken. Als je dus 10 glazen drinkt, beginnend om 23u 's avonds, dan duurt het ongeveer 15 uur voor alle alcohol verwerkt is. Dit betekent dus dat je de volgende morgen om 8u nog steeds onder invloed bent en zelfs strafbaar als je dan aan het verkeer deelneemt.
En als laatste: hoe vermijd je een kater?
Tijdens het proces om de giftige stoffen te neutraliseren wordt veel water onttrokken aan ons lichaam, wat verklaart waarom we zo vaak naar het toilet moeten. Als er niet genoeg vocht in de maag of andere organen te vinden is, wordt het vocht uit het bloed, de lymfen en zelfs de hersenen gehaald. Die uitdrogingsverschijnselen kunnen leiden tot stevige hoofdpijn en een ziek gevoel.
Dus drink voldoende water voor je gaat stappen.
Probeer voldoende tijd te laten tussen 2 alcoholische dranken. Neem maximum 1 glas per uur als richtlijn.
Vermijd sterke dranken. Het gevaar zit hem hier in de hoeveelheden, je hebt al snel te veel alcohol binnen.
Drink opnieuw water als je thuiskomt. Dat voorkomt uitdroging. De kater zal de volgende morgen kleiner zijn. (preventief een pijnstiller nemen is zinloos!)
Toch een kater? Probeer dan het volgende:
- een pijnstiller: werkt goed als je ze op het juist tijdstip neemt: vlak voor het slapengaan in een groot glas water of bij het ontwaken.
- een kop sterke koffie: helpt alleen de volgende ochtend op voorwaarde dat je sowieso elke dag koffie drinkt. Cafeïne vernauwt de door alcohol uitgezette bloedbanen in je hoofd, waardoor de hoofdpijn een beetje kan minderen. Maar het uitdrogingseffect verergert nog want net als alcohol werkt koffie vochtafdrijvend.
- een koud kompres: met een koud washandje of een kompres uit de ijskast op je voorhoofd gaan de uitgezette adertjes weer krimpen. Dat kalmeert de hoofdpijn.
- een groot glas water voor het slapengaan. Zoveel mogelijk water drinken tijdens het uitgaan, voor het slapengaan én als je wakker wordt, is het beste middel.
- sportdrankjes: verrijkte drankjes kunnen het vocht en de zouten en minerale die je verloren bent tijdens het drinken weer aanvullen.
Geen goed idee:
- een koude douche: je zenuwen zijn na een overdosis alcohol hypergevoelig en kunnen zoiets niet aan.
- gaan sporten: door te zweten kun je alcoholresten uitzweten, maar omdat je zo nog meer water verliest is de kans groot dat je je compleet uitgedroogd gaat voelen. Een korte wandeling of gewoon een luchtje scheppen helpt vaak wel.
- een uitgebreid ontbijt: je maag is al van streek door de alcohol. Vet voedsel helpt wel de avond ervoor, tijdens het uitgaan of vlak voor je naar huis gaat.
En nogmaals: hou het veilig, kies een BOB.
zondag 18 december 2016
zondag 27 november 2016
Wandeltocht Stekene
Al lang wens ik wat meer te gaan wandelen, maar alleen komt het er niet van. In groep motiveer je elkaar en een afspraak verbreek je niet zo gauw. Dus had ik mij ingeschreven voor de 300ste editie van de "vierdezaterdagwandeling" op Evergem.
Ik wist allang van het bestaan ervan, maar had nog nooit de moed gehad om mij in te schrijven. Enkele weken terug ontving ik een nieuwsbrief van de gemeente en zag daar een nieuwe editie staan van de vierdezaterdagwandeling. Toen heb ik mij onmiddellijk ingeschreven en de datum genoteerd in mijn agenda.
Volgende stap: aankoop wandelschoenen! Degelijke bottines heb ik gevonden bij Aveve. Niet van die echte typische wandelschoenen, maar soepele exemplaren met een grof profiel voor alle terreinen.
Gisteren was het zover. Op naar de bushalte.
Tijdens het wachten op de bus kwamen langzaam alle andere wandelaars aan. En er waren ook heel wat mensen alleen, dwz zonder partner of alleenstaanden. Ik voelde mij dus niet direct een buitenbeentje.
Ook gedurende de wandeling was de sfeer leuk. Soms liep ik alleen, soms kwam er iemand een beetje babbelen. Alles ongedwongen. Het was een leuke ervaring en ik heb mij 's avonds direct ingeschreven voor de volgende editie (en een blaadje met uitleg over de route gekregen).
Bij de inschrijving voor deze 300ste editie kreeg ik een blaadje met een beetje uitleg over de wandeling. Ik heb gezocht op internet om te zien of de tekst ergens te vinden was. Ik heb ze niet gevonden. Dus de tekst hieronder heb ik niet geschreven, ik heb ze overgenomen van het blaadje.
De wandeling start aan het sportcentrum van Stekene. Vlakbij ligt het natuurreservaat Steengelag.
Vroeger hoorde het Steengelaag bij de voormalige steenbakkerij Tuilerie Sainte-Marie, opgericht in 1880. Aan de kleiontginning kwam een einde in 1977.
Dankzij de bescherming krijgen we hier nu een prachtig stukje natuur voorgeschoteld rond drie grote waterpartijen. De eerste waterplas is de Oudste Kleiput die destijds met houten spaden werd uitgegraven, tot in 1913 dit werk werd overgenomen door een kleibaggeraar. Die baggeraar staat normaal aan de Kleinste Kleiput, maar is nu weg voor restauratie.
Tegen het Steengelaag loopt de oude spoorlijn L77 Sint-Gillis-Moerbeke-Zelzate. We volgen deze spoorlijn tot het Kanaal van Stekene.
Het Kanaal werd in 1315 gegraven in opdracht van Robrecht van Bethune, graaf van Vlaanderen, als onderdeel van de vaart Gent-Hulst. Op het einde van de 19e eeuw en het eerste deel van de 20e eeuw werd het nog druk bevaren voor het vervoer van bakstenen uit de hogergenoemde steenbakkerij van Stekene.
Aan het pomphuis brengt een houten brug ons naar de overkant van het Kanaal van Stekene. Van hieruit volgen we de Fondatiebeek. Vroeger lagen hier grote gemetselde beerputten. met kleine bootjes werd de aal uit Gent of Antwerpen naar hier getrokken en overgeschept in deze beerputten. De lokale landbouwers bemestten dan hiermee hun akkers.
Hier heb ik afgehaakt. We waren ondertussen al zo'n anderhalf uur aan het wandelen en ik vreesde moeilijkheden (nieuwe schoenen!). Met een klein groepje namen we een kortere weg naar de eindbestemming.
Volledigheidshalve vermeld ik ook de rest van de wandeling. Mijns inziens ook zeer de moeite waard. Zeker door de link met Evergem.
Even verder komen we in de Fondatie van Boudelo. Dit natuurgebied bestaat uit gronden die werden geschonken bij de stichting van de abdij van Boudelo, vandaar de naam Fondatie.
In 1197 vestigde Boudewijn van Boekel, een monnik van de Sint-Pietersabdij in Gent, zich hier als kluizenaar. Boudewijn van Boekel kwam uit Evergem, zie nu nog het Goed ten Boekel in Langerbrugge (voor een foto: zie mijn bericht van 09.09.2012). Zijn kluis groeide uit tot een abdij die begin 13e eeuw erkend werd door de bisschop van Doornik. Hier schreef "William die Madocke makede" in de eerste helft van de 13e eeuw het beroemde Reynaertverhaal. Wie weet was Malpertuus wel de abdij van Boudelo ... In 1578 werd de abdij verwoest door Gentse Calvinisten.
Vermoeiend was het wel want verschillende van de wandelaars verlieten 's avonds de bus met stramme spieren. En ik was geen uitzondering.
Vandaag voel ik daar gelukkig niet veel meer van.
Op naar de volgende wandeling. We houden vol en blijven een beetje trainen zodat we in de toekomst de volledige wandeling van ongeveer 14 km kunnen meewandelen.
Ik wist allang van het bestaan ervan, maar had nog nooit de moed gehad om mij in te schrijven. Enkele weken terug ontving ik een nieuwsbrief van de gemeente en zag daar een nieuwe editie staan van de vierdezaterdagwandeling. Toen heb ik mij onmiddellijk ingeschreven en de datum genoteerd in mijn agenda.
Volgende stap: aankoop wandelschoenen! Degelijke bottines heb ik gevonden bij Aveve. Niet van die echte typische wandelschoenen, maar soepele exemplaren met een grof profiel voor alle terreinen.
Gisteren was het zover. Op naar de bushalte.
Tijdens het wachten op de bus kwamen langzaam alle andere wandelaars aan. En er waren ook heel wat mensen alleen, dwz zonder partner of alleenstaanden. Ik voelde mij dus niet direct een buitenbeentje.
Ook gedurende de wandeling was de sfeer leuk. Soms liep ik alleen, soms kwam er iemand een beetje babbelen. Alles ongedwongen. Het was een leuke ervaring en ik heb mij 's avonds direct ingeschreven voor de volgende editie (en een blaadje met uitleg over de route gekregen).
Bij de inschrijving voor deze 300ste editie kreeg ik een blaadje met een beetje uitleg over de wandeling. Ik heb gezocht op internet om te zien of de tekst ergens te vinden was. Ik heb ze niet gevonden. Dus de tekst hieronder heb ik niet geschreven, ik heb ze overgenomen van het blaadje.
De wandeling start aan het sportcentrum van Stekene. Vlakbij ligt het natuurreservaat Steengelag.
Vroeger hoorde het Steengelaag bij de voormalige steenbakkerij Tuilerie Sainte-Marie, opgericht in 1880. Aan de kleiontginning kwam een einde in 1977.
Dankzij de bescherming krijgen we hier nu een prachtig stukje natuur voorgeschoteld rond drie grote waterpartijen. De eerste waterplas is de Oudste Kleiput die destijds met houten spaden werd uitgegraven, tot in 1913 dit werk werd overgenomen door een kleibaggeraar. Die baggeraar staat normaal aan de Kleinste Kleiput, maar is nu weg voor restauratie.
Tegen het Steengelaag loopt de oude spoorlijn L77 Sint-Gillis-Moerbeke-Zelzate. We volgen deze spoorlijn tot het Kanaal van Stekene.
Het Kanaal werd in 1315 gegraven in opdracht van Robrecht van Bethune, graaf van Vlaanderen, als onderdeel van de vaart Gent-Hulst. Op het einde van de 19e eeuw en het eerste deel van de 20e eeuw werd het nog druk bevaren voor het vervoer van bakstenen uit de hogergenoemde steenbakkerij van Stekene.
Aan het pomphuis brengt een houten brug ons naar de overkant van het Kanaal van Stekene. Van hieruit volgen we de Fondatiebeek. Vroeger lagen hier grote gemetselde beerputten. met kleine bootjes werd de aal uit Gent of Antwerpen naar hier getrokken en overgeschept in deze beerputten. De lokale landbouwers bemestten dan hiermee hun akkers.
Hier heb ik afgehaakt. We waren ondertussen al zo'n anderhalf uur aan het wandelen en ik vreesde moeilijkheden (nieuwe schoenen!). Met een klein groepje namen we een kortere weg naar de eindbestemming.
Volledigheidshalve vermeld ik ook de rest van de wandeling. Mijns inziens ook zeer de moeite waard. Zeker door de link met Evergem.
Even verder komen we in de Fondatie van Boudelo. Dit natuurgebied bestaat uit gronden die werden geschonken bij de stichting van de abdij van Boudelo, vandaar de naam Fondatie.
In 1197 vestigde Boudewijn van Boekel, een monnik van de Sint-Pietersabdij in Gent, zich hier als kluizenaar. Boudewijn van Boekel kwam uit Evergem, zie nu nog het Goed ten Boekel in Langerbrugge (voor een foto: zie mijn bericht van 09.09.2012). Zijn kluis groeide uit tot een abdij die begin 13e eeuw erkend werd door de bisschop van Doornik. Hier schreef "William die Madocke makede" in de eerste helft van de 13e eeuw het beroemde Reynaertverhaal. Wie weet was Malpertuus wel de abdij van Boudelo ... In 1578 werd de abdij verwoest door Gentse Calvinisten.
Vermoeiend was het wel want verschillende van de wandelaars verlieten 's avonds de bus met stramme spieren. En ik was geen uitzondering.
Vandaag voel ik daar gelukkig niet veel meer van.
Op naar de volgende wandeling. We houden vol en blijven een beetje trainen zodat we in de toekomst de volledige wandeling van ongeveer 14 km kunnen meewandelen.
zondag 6 november 2016
Kerkhofkunst
1 november: naar jaarlijkse gewoonte gaan veel mensen naar het graf van een dierbare overledene. Opnieuw staat het kerkhof vol met bloemen als bewijs dat ze toch niet vergeten zijn.
Vandaag ben ik heel eventjes naar het kerkhof van Evergem geweest. Het eerste wat mij opviel was dat er zoveel foto's op de graven stonden. Zelfs op de talrijke grafstenen van de oudstrijders. Dat maakt de graven veel persoonlijker, veel minder "anoniem" ... Het schept een andere sfeer ...
Tijd om even stil te staan bij de talrijke monumenten die er te vinden zijn. Oude graven verdwijnen stilaan om plaats te maken voor nieuwe. Ergens vind ik dat jammer, want er zitten echte pareltjes tussen die oude graven. Al zitten er op Evergem tussen de nieuwe graven ook echte kunstwerken.
Misschien is dit het ogenblik om even stil te staan bij de symbolen die gebruikt worden. Er zijn symbolen die al heel lang gebruikt worden, zoals een kruis of een engel. Maar er zijn ook andere.
Vroeger werd vaak het beroep van een persoon weergegeven, nu is het vaker een eigenschap, hobby of liefde voor dieren.
Een afgebroken zuil = een jong afgebroken leven
Een gevleugelde zandloper = staat voor de kortstondigheid van het leven
Anker = standvastigheid, vastberadenheid, trouw, staat ook symbool voor zeelieden
Biddende handen = gebed tot God
Christus aan het kruis = Lijden van Christus, verlossing van de mens, geloof in wederopstanding
Zeis = tijd, dood, het leven wordt weggemaaid
Kruis in stralenkrans = wederopstanding
Anker, hart, kruis = geloof, hoop en liefde, band met Christus
Opengeslagen boek = Band met de bijbel.
Schelp = graf waaruit de mens eens zal opstaan
Roos = schoonheid, liefde, vergankelijkheid en het lijden van Christus, de overwinning op de dood
Bij een begrafenis of crematie gaan veel mensen in zwart of grijs gekleed. Maar je kunt ook andere kleuren gebruiken, bijvoorbeeld de lievelingskleur van de overledene.
Hieronder enkele betekenissen van kleuren:
Blauw: goddelijkheid, oneindigheid en melancholie, de kleur van de hemel, trouw en de maagd Maria
Geel: licht, de kleur van de zon
Paars: rouw en ingetogenheid
Rood: liefde en lijden
Roze: het licht dat doorbreekt, staat voor zachte tedere liefde
Wit: tederheid en liefde
Zwart: diepste rouw
Tijd om even stil te staan bij de talrijke monumenten die er te vinden zijn. Oude graven verdwijnen stilaan om plaats te maken voor nieuwe. Ergens vind ik dat jammer, want er zitten echte pareltjes tussen die oude graven. Al zitten er op Evergem tussen de nieuwe graven ook echte kunstwerken.
Misschien is dit het ogenblik om even stil te staan bij de symbolen die gebruikt worden. Er zijn symbolen die al heel lang gebruikt worden, zoals een kruis of een engel. Maar er zijn ook andere.
Vroeger werd vaak het beroep van een persoon weergegeven, nu is het vaker een eigenschap, hobby of liefde voor dieren.
Een afgebroken zuil = een jong afgebroken leven
Een gevleugelde zandloper = staat voor de kortstondigheid van het leven
Anker = standvastigheid, vastberadenheid, trouw, staat ook symbool voor zeelieden
Biddende handen = gebed tot God
Christus aan het kruis = Lijden van Christus, verlossing van de mens, geloof in wederopstanding
Zeis = tijd, dood, het leven wordt weggemaaid
Kruis in stralenkrans = wederopstanding
Anker, hart, kruis = geloof, hoop en liefde, band met Christus
Opengeslagen boek = Band met de bijbel.
Schelp = graf waaruit de mens eens zal opstaan
Roos = schoonheid, liefde, vergankelijkheid en het lijden van Christus, de overwinning op de dood
| onschuld van het kind |
Bij een begrafenis of crematie gaan veel mensen in zwart of grijs gekleed. Maar je kunt ook andere kleuren gebruiken, bijvoorbeeld de lievelingskleur van de overledene.
Hieronder enkele betekenissen van kleuren:
Blauw: goddelijkheid, oneindigheid en melancholie, de kleur van de hemel, trouw en de maagd Maria
Geel: licht, de kleur van de zon
Paars: rouw en ingetogenheid
Rood: liefde en lijden
Roze: het licht dat doorbreekt, staat voor zachte tedere liefde
Wit: tederheid en liefde
Zwart: diepste rouw
zondag 30 oktober 2016
Oostende
Even met de trein naar Oostende. Met de trein, jawel, want dan zit je niet in de file en het station ligt aan de rand van de stad. Je bent zo op de dijk of in de binnenstad.
Voor het eerst heb ik mijn ticket besteld aan het e-loket, dus de computer. Na je bestelling krijg je een e-mail ter bevestiging. Ik was er toch niet gerust op en heb de e-mail afgedrukt. Maar dat was echt niet nodig. Via de chip op je identiteitskaart ziet de controleur de details van je reis (traject en aantal personen). Handig!
In Oostende was het in de voormiddag heel mistig. De zee kon je niet zien. Daarvoor hebben we moeten wachten tot in de namiddag.
Maar dat was eigenlijk niet zo erg want we wilden de "graffiti-wandeling" doen. Althans toch een stukje ervan. (op www.thecrystalship.org kan je de route ophalen)
The Crystal Ship is een festival rond kunst in openbare ruimtes. Meer dan 20 wereldberoemde internationale kunstenaars maakten gigantische muurschilderingen.
Na deze wandeling hadden we wel een aperitiefje verdiend. Dus allen richting Bistrot 't Zeezotje op het Vissersplein.
Voor het middagmaal trokken we naar Café Botteltje in de Louisestraat. Een gezellig café waar West-Vlaamse bieren worden verwerkt in heerlijke gerechten. We genoten allen van de zeer lekkere maaltijd. Een aanrader. Hier kom ik zeker terug.
In de namiddag brachten we een bezoek aan Fort Napoleon.
In 1811 liet Napoleon dit fort bouwen om een eventuele Engelse aanval af te slaan. Het droeg de naam "Fort Impérial" en was de eerste in een hele rij. Maar de andere forten werden niet afgewerkt of zelfs niet eens gebouwd.
Rond 1830 kreeg het de naam "Fort Napoleon".
Sinds 1995 wordt het fort beheerd door Herita (= het vroegere Erfgoed Vlaanderen). Na de restauratie, die 5 jaar duurde, werd het fort opengesteld voor het publiek.
Ik ben blij dat ik het heb gezien, maar erg enthousiast ben ik toch niet. Tja, het is een fort, een verzamelplaats voor soldaten dus, of een opslagplaats voor munitie e.d. Dus veel is er eigenlijk niet te zien. Alleen de vorm van het fort, de indeling, de manier waarop het is gebouwd, maakt dat het wel het bezoeken waard is. Al ben ik wel blij dat we het hebben gecombineerd met een mooi wandeling.
Ook de audiogids viel niet echt in de smaak. Je krijgt uitleg van 2 personen: een soldaat die het fort moet verdedigen en die probeert leuk te doen (en daar mijns inziens amper in slaagt) en een vrouw die uitleg heeft over de geschiedenis van het fort.
Heen en terug tussen de Oosteroever en de binnenstad kan gemakkelijk met de gratis ferry: de "Roger Raveel" of "het rode vierkant op de zee".
Voor het eerst heb ik mijn ticket besteld aan het e-loket, dus de computer. Na je bestelling krijg je een e-mail ter bevestiging. Ik was er toch niet gerust op en heb de e-mail afgedrukt. Maar dat was echt niet nodig. Via de chip op je identiteitskaart ziet de controleur de details van je reis (traject en aantal personen). Handig!
In Oostende was het in de voormiddag heel mistig. De zee kon je niet zien. Daarvoor hebben we moeten wachten tot in de namiddag.
Maar dat was eigenlijk niet zo erg want we wilden de "graffiti-wandeling" doen. Althans toch een stukje ervan. (op www.thecrystalship.org kan je de route ophalen)
The Crystal Ship is een festival rond kunst in openbare ruimtes. Meer dan 20 wereldberoemde internationale kunstenaars maakten gigantische muurschilderingen.
| "Roa", de Gentse kunstenaar die internationaal bekend is voor zijn gigantische zwart-wit tekeningen van dieren. |
| "Disorderline": dit Vlaams duo liet zich inspireren door het blauw van de zee en het bruin van het strand. |
| "Sam Scarpulla", een Gentenaar met Italiaanse roots, laat zich inspireren door zijn reizen. |
Na deze wandeling hadden we wel een aperitiefje verdiend. Dus allen richting Bistrot 't Zeezotje op het Vissersplein.
Voor het middagmaal trokken we naar Café Botteltje in de Louisestraat. Een gezellig café waar West-Vlaamse bieren worden verwerkt in heerlijke gerechten. We genoten allen van de zeer lekkere maaltijd. Een aanrader. Hier kom ik zeker terug.
In de namiddag brachten we een bezoek aan Fort Napoleon.
In 1811 liet Napoleon dit fort bouwen om een eventuele Engelse aanval af te slaan. Het droeg de naam "Fort Impérial" en was de eerste in een hele rij. Maar de andere forten werden niet afgewerkt of zelfs niet eens gebouwd.
Rond 1830 kreeg het de naam "Fort Napoleon".Sinds 1995 wordt het fort beheerd door Herita (= het vroegere Erfgoed Vlaanderen). Na de restauratie, die 5 jaar duurde, werd het fort opengesteld voor het publiek.
Ik ben blij dat ik het heb gezien, maar erg enthousiast ben ik toch niet. Tja, het is een fort, een verzamelplaats voor soldaten dus, of een opslagplaats voor munitie e.d. Dus veel is er eigenlijk niet te zien. Alleen de vorm van het fort, de indeling, de manier waarop het is gebouwd, maakt dat het wel het bezoeken waard is. Al ben ik wel blij dat we het hebben gecombineerd met een mooi wandeling.
Ook de audiogids viel niet echt in de smaak. Je krijgt uitleg van 2 personen: een soldaat die het fort moet verdedigen en die probeert leuk te doen (en daar mijns inziens amper in slaagt) en een vrouw die uitleg heeft over de geschiedenis van het fort.
Heen en terug tussen de Oosteroever en de binnenstad kan gemakkelijk met de gratis ferry: de "Roger Raveel" of "het rode vierkant op de zee".
zondag 23 oktober 2016
Geneesmiddelen en alcohol
Al een week zit ik met een ontsteking onder het linker schouderblad. Pijnlijk ...
Uiteraard ben ik naar de dokter geweest. Hij heeft mij ontstekingsremmers voorgeschreven en rust (want het moet natuurlijk kunnen genezen en: arm gebruiken = spier belasten).
Normaal drink ik op vrijdagavond en/of zaterdagavond graag eens een glaasje wijn of een lekker biertje. Dat heb ik nu dus niet gedaan want alcohol en geneesmiddelen gaan niet samen.
Alcohol kan het effect van geneesmiddelen verstoren. En dit niet alleen als beide tegelijkertijd worden ingenomen, maar ook tijdens de duur van de behandeling.
Sommige geneesmiddelen hebben alleen een interactie met alcohol als men regelmatig en veel drinkt (waardoor de lever minder goed kan werken), andere zelfs bij een eenmalige alcoholinname.
Bij andere geneesmiddelen is er dan weer geen enkel effect.
Overigens verschillen de effecten in sterkte van persoon tot persoon. Dat heeft te maken met wat je dagelijks eet en drinkt, met erfelijke factoren, met je conditie, je lichaamsgewicht, leeftijd, enz.
Wie zeker wil spelen, drinkt beter niet tijdens een geneesmiddelenkuur.
Met volgende geneesmiddelen is alleszins enige voorzichtigheid geboden:
Aspirine en niet-steroidale ontstekingsremmers zoals Voltaren, Brufen, Nurofen, ...
Alcohol kan mogelijk het risico op maagproblemen (= maagbloedingen en maagzweren) vergroten.
Als je niet elke dag drinkt, of dagelijks minder dan 3 glazen drinkt, is het risico beperkt.
Drink dus met mate als je deze geneesmiddelen moet nemen.
Paracetamol
Bij een normale dosis (= max. 4 g per dag voor volwassenen) is er geen verhoogd risico op leverschade bij matig alcoholgebruik (= max. 2 à 3 glazen per dag).
Bij chronische drinkers waarvan de lever minder goed werkt, zou er mogelijk wel een verhoogd risico bestaan op leverschade.
Narcotische pijnstillers
Alcohol versterkt bepaalde bijwerkingen van deze middelen, zoals sufheid, slechte coördinatie en een verminderde ademhaling.
Opgelet: ook sommige courante pijnstillers bevatten codeine of aanverwanten, met een gelijkaardig effect.
Slaap- en kalmeermiddelen (o.m. benzodiazepines)
Combineren met alcohol kan een verlenging en overdrijving van het verdovende effect geven en extra slaperig maken of alle remmingen doen wegvallen.
Ook barbituraten (= oudere slaapmiddelen) zijn gevaarlijk met alcohol.
Een hoge alcoholinname in combinatie met een slaap- of kalmeermiddel kan de ademhaling onderdrukken.
Antihistaminicum
Sommige antihistaminica (die gebruikt worden tegen allergieklachten) hebben als ongewenste bijwerking dat ze slaperig maken. Gebruikt men zo'n geneesmiddel als men alcohol in het bloed heeft, dan neemt de slaperigheid nog toe. De aandacht verslapt en het reactievermogen neemt af. Het vergroot ook het risico op vallen, vooral bij senioren.
De recentere antihistaminica zouden geen slaperigheid in de hand werken, als men de aanbevolen dosissen in acht neemt. Alcohol heeft geen invloed op deze middelen.
Antidepressiva
Een matige alcoholconsumptie is niet noodzakelijk verboden, het hangt af van het soort antidepressivum.
Sommige geneesmiddelen tegen depressie kunnen slaperig maken. Dat effect wordt versterkt wanneer men alcohol drinkt.
In combinatie met alcohol kunnen ook onverwachte gedragsstoornissen (desoriëntatie) optreden.
Astma en COPD-medicatie
Inhalatiemedicijnen kunnen een bloeddrukverhoging en duizeligheid veroorzaken, wat kan versterkt worden door alcohol.
Middelen tegen hoest
Veel geneesmiddelen tegen "droge hoest" bevatten bestanddelen die de hoestreflex moeten onderdrukken. Bij een overdosis kunnen die stoffen slaperig maken. Omdat alcohol die ongewenste effecten kan versterken, raadt men aan niet te drinken als men zo'n hoestmiddel gebruikt.
Nitraten en propranolol
Nitroglycerine en andere nitraten worden gebruikt bij hartaandoeningen (vb angina pectoris). Een mogelijke bijwerking van deze geneesmiddelen is een plotse daling van de bloeddruk. Hierdoor kan men duizelig worden en vallen. De kans dat een dergelijke bloeddrukdaling zich voordoet, neemt toe als men alcohol drinkt.
Hetzelfde geldt voor propranolol, een ander geneesmiddel voor het hart.
Statines
Statines worden gebruikt om het cholesterolgehalte te doen dalen. Statines kunnen soms spierklachten veroorzaken, zoals spierpijn, spiervermoeidheid, kramp, ... Dit kan in zeldzame gevallen leiden tot een gevaarlijke afbraak van spierweefsel. Een overmatige inname van alcohol vergroot dat risico.
Statines kunnen in zeldzame gevallen ook de leverfunctie verstoren, ook een risico dat toeneemt als men drinkt.
Antistollingsmiddelen
Sommige antistollingsmiddelen zouden gevaarlijk zijn met alcohol, want alcohol kan het antistollingseffect versterken. Wat een verhoogd risico op bloedingen tot gevolg heeft.
Bij alcoholisten heeft het chronisch drankmisbruik als paradoxaal gevolg dat de werking van het geneesmiddel kan verminderen, zodat het risico van een bloedprop en dus trombose toeneemt.
Geneesmiddelen tegen suikerziekte (Diabetes)
Diabetespatiënten moeten altijd voorzichtig zijn met alcohol om het een hypoglycemie (= te laag bloedsuikergehalte) kan veroorzaken. Het is beter de alcohol op een gevulde maag te drinken, omdat anders het effect op het bloedsuikerglucosegehalte te sterk is.
Antibiotica
In tegenstelling tot wat algemeen gedacht wordt, is (matig) alcoholgebruik tijdens een antibioticakuur geen probleem.
Een mogelijke uitzondering zijn de cefalosporinen, die met alcohol een antabuse-effect (vooral misselijkheid) kunnen hebben.
Uiteraard ben ik naar de dokter geweest. Hij heeft mij ontstekingsremmers voorgeschreven en rust (want het moet natuurlijk kunnen genezen en: arm gebruiken = spier belasten).
Normaal drink ik op vrijdagavond en/of zaterdagavond graag eens een glaasje wijn of een lekker biertje. Dat heb ik nu dus niet gedaan want alcohol en geneesmiddelen gaan niet samen.
Alcohol kan het effect van geneesmiddelen verstoren. En dit niet alleen als beide tegelijkertijd worden ingenomen, maar ook tijdens de duur van de behandeling.
Sommige geneesmiddelen hebben alleen een interactie met alcohol als men regelmatig en veel drinkt (waardoor de lever minder goed kan werken), andere zelfs bij een eenmalige alcoholinname.
Bij andere geneesmiddelen is er dan weer geen enkel effect.
Overigens verschillen de effecten in sterkte van persoon tot persoon. Dat heeft te maken met wat je dagelijks eet en drinkt, met erfelijke factoren, met je conditie, je lichaamsgewicht, leeftijd, enz.
Wie zeker wil spelen, drinkt beter niet tijdens een geneesmiddelenkuur.
Met volgende geneesmiddelen is alleszins enige voorzichtigheid geboden:
Aspirine en niet-steroidale ontstekingsremmers zoals Voltaren, Brufen, Nurofen, ...
Alcohol kan mogelijk het risico op maagproblemen (= maagbloedingen en maagzweren) vergroten.
Als je niet elke dag drinkt, of dagelijks minder dan 3 glazen drinkt, is het risico beperkt.
Drink dus met mate als je deze geneesmiddelen moet nemen.
Paracetamol
Bij een normale dosis (= max. 4 g per dag voor volwassenen) is er geen verhoogd risico op leverschade bij matig alcoholgebruik (= max. 2 à 3 glazen per dag).
Bij chronische drinkers waarvan de lever minder goed werkt, zou er mogelijk wel een verhoogd risico bestaan op leverschade.
Narcotische pijnstillers
Alcohol versterkt bepaalde bijwerkingen van deze middelen, zoals sufheid, slechte coördinatie en een verminderde ademhaling.
Opgelet: ook sommige courante pijnstillers bevatten codeine of aanverwanten, met een gelijkaardig effect.
Slaap- en kalmeermiddelen (o.m. benzodiazepines)
Combineren met alcohol kan een verlenging en overdrijving van het verdovende effect geven en extra slaperig maken of alle remmingen doen wegvallen.
Ook barbituraten (= oudere slaapmiddelen) zijn gevaarlijk met alcohol.
Een hoge alcoholinname in combinatie met een slaap- of kalmeermiddel kan de ademhaling onderdrukken.
Antihistaminicum
Sommige antihistaminica (die gebruikt worden tegen allergieklachten) hebben als ongewenste bijwerking dat ze slaperig maken. Gebruikt men zo'n geneesmiddel als men alcohol in het bloed heeft, dan neemt de slaperigheid nog toe. De aandacht verslapt en het reactievermogen neemt af. Het vergroot ook het risico op vallen, vooral bij senioren.
De recentere antihistaminica zouden geen slaperigheid in de hand werken, als men de aanbevolen dosissen in acht neemt. Alcohol heeft geen invloed op deze middelen.
Antidepressiva
Een matige alcoholconsumptie is niet noodzakelijk verboden, het hangt af van het soort antidepressivum.
Sommige geneesmiddelen tegen depressie kunnen slaperig maken. Dat effect wordt versterkt wanneer men alcohol drinkt.
In combinatie met alcohol kunnen ook onverwachte gedragsstoornissen (desoriëntatie) optreden.
Astma en COPD-medicatie
Inhalatiemedicijnen kunnen een bloeddrukverhoging en duizeligheid veroorzaken, wat kan versterkt worden door alcohol.
Middelen tegen hoest
Veel geneesmiddelen tegen "droge hoest" bevatten bestanddelen die de hoestreflex moeten onderdrukken. Bij een overdosis kunnen die stoffen slaperig maken. Omdat alcohol die ongewenste effecten kan versterken, raadt men aan niet te drinken als men zo'n hoestmiddel gebruikt.
Nitraten en propranolol
Nitroglycerine en andere nitraten worden gebruikt bij hartaandoeningen (vb angina pectoris). Een mogelijke bijwerking van deze geneesmiddelen is een plotse daling van de bloeddruk. Hierdoor kan men duizelig worden en vallen. De kans dat een dergelijke bloeddrukdaling zich voordoet, neemt toe als men alcohol drinkt.
Hetzelfde geldt voor propranolol, een ander geneesmiddel voor het hart.
Statines
Statines worden gebruikt om het cholesterolgehalte te doen dalen. Statines kunnen soms spierklachten veroorzaken, zoals spierpijn, spiervermoeidheid, kramp, ... Dit kan in zeldzame gevallen leiden tot een gevaarlijke afbraak van spierweefsel. Een overmatige inname van alcohol vergroot dat risico.
Statines kunnen in zeldzame gevallen ook de leverfunctie verstoren, ook een risico dat toeneemt als men drinkt.
Antistollingsmiddelen
Sommige antistollingsmiddelen zouden gevaarlijk zijn met alcohol, want alcohol kan het antistollingseffect versterken. Wat een verhoogd risico op bloedingen tot gevolg heeft.
Bij alcoholisten heeft het chronisch drankmisbruik als paradoxaal gevolg dat de werking van het geneesmiddel kan verminderen, zodat het risico van een bloedprop en dus trombose toeneemt.
Geneesmiddelen tegen suikerziekte (Diabetes)
Diabetespatiënten moeten altijd voorzichtig zijn met alcohol om het een hypoglycemie (= te laag bloedsuikergehalte) kan veroorzaken. Het is beter de alcohol op een gevulde maag te drinken, omdat anders het effect op het bloedsuikerglucosegehalte te sterk is.
Antibiotica
In tegenstelling tot wat algemeen gedacht wordt, is (matig) alcoholgebruik tijdens een antibioticakuur geen probleem.
Een mogelijke uitzondering zijn de cefalosporinen, die met alcohol een antabuse-effect (vooral misselijkheid) kunnen hebben.
zondag 9 oktober 2016
Buxus
Het was een prachtig weekend om te werken in de tuin. Deze keer niet genieten met een boek en een glaasje of kopje koffie, maar rustig bezig zijn met opruimen en snoeien.
En daar komt het: mijn buxus is kaal gevreten door de buxusrups. Vorig jaar hadden ze er al van de lijden. Dit jaar is het nog erger. De grootste zijn voor 3/4 kapot. Dat wordt vervangen. Al denk ik niet dat ik nieuwe buxus ga planten. Ik ga op zoek naar een alternatief. Want ik vermoed dat éénmaal de buxusrups je tuin gevonden heeft, hij/zij jaarlijks zal terugkeren.
Tussen mijn krantenknipsels heb ik nog een klein artikeltje gevonden met weetjes over buxus:
Jezus werd tijdens zijn intrede in Jeruzalem toegejuicht met groene takken van palm of dadelpalm.
Voor palmwijding en palmprocessie wordt in Vlaanderen gebruik gemaakt van buxustakjes. Die staan, net als andere wintergroene planten, symbool voor eeuwigdurend leven.
De as van verbrande palmtakjes werd op Aswoensdag gewijd door de priester om er een kruisje mee op de voorhoofden van de gelovigen te zetten terwijl hij zegt: "Gedenk, mensen, dat gij stof zijt en tot stof en as zult wederkeren".
Na een overlijden nemen katholieke gelovigen afscheid van de dode door hem te besprenkelen en een kruisteken te maken met een palmtakje gedoopt in wijwater.
De doos met hosties die worden uitgereikt aan de stervenden heet pyxis, dit betekent "buxus" in het Grieks.
Meer werelds is de eeuwenoude reputatie van buxus om duivels af te weren. Daarom werden takjes boven de schoorsteen, onder de drempel van het huis en in stallingen en schuren bewaar of in de akker gestoken.
We zullen in de toekomst waarschijnlijk moeten op zoek gaan naar een alternatief ...
En daar komt het: mijn buxus is kaal gevreten door de buxusrups. Vorig jaar hadden ze er al van de lijden. Dit jaar is het nog erger. De grootste zijn voor 3/4 kapot. Dat wordt vervangen. Al denk ik niet dat ik nieuwe buxus ga planten. Ik ga op zoek naar een alternatief. Want ik vermoed dat éénmaal de buxusrups je tuin gevonden heeft, hij/zij jaarlijks zal terugkeren.
Tussen mijn krantenknipsels heb ik nog een klein artikeltje gevonden met weetjes over buxus:
Jezus werd tijdens zijn intrede in Jeruzalem toegejuicht met groene takken van palm of dadelpalm.
Voor palmwijding en palmprocessie wordt in Vlaanderen gebruik gemaakt van buxustakjes. Die staan, net als andere wintergroene planten, symbool voor eeuwigdurend leven.
De as van verbrande palmtakjes werd op Aswoensdag gewijd door de priester om er een kruisje mee op de voorhoofden van de gelovigen te zetten terwijl hij zegt: "Gedenk, mensen, dat gij stof zijt en tot stof en as zult wederkeren".
Na een overlijden nemen katholieke gelovigen afscheid van de dode door hem te besprenkelen en een kruisteken te maken met een palmtakje gedoopt in wijwater.
De doos met hosties die worden uitgereikt aan de stervenden heet pyxis, dit betekent "buxus" in het Grieks.
Meer werelds is de eeuwenoude reputatie van buxus om duivels af te weren. Daarom werden takjes boven de schoorsteen, onder de drempel van het huis en in stallingen en schuren bewaar of in de akker gestoken.
We zullen in de toekomst waarschijnlijk moeten op zoek gaan naar een alternatief ...
zondag 25 september 2016
Roos van Jericho
De roos van Jericho is een primitieve plant die al 400 miljoen jaar op aarde leeft. Het is een woestijnplant die o.a. te vinden is in Syrië, Egypte en Mexico.
Men zegt dat in een huis waar de roos van Jericho bewaard wordt, geluk en zegen zal heersen.
Als talisman zou ze in staat zijn om negatieve energie te absorberen.
Om te kunnen overleven heeft de plant een opportunistische levenswijze.
Als er geen water voorhanden is, droogt de plant uit, wordt bruin en rollen de bladeren zich op als een bal. De plant lijkt dood, maar is slechts slapende.
In deze toestand kan zij jaren overleven.
Deze plant zou door Maria op haar vlucht van Nazareth naar Egypte gezegend zijn (op de vlakte van Jericho), en zo het eeuwige leven bekomen hebben. In de middeleeuwen werd ze door de kruisvaarders en later door pelgrims naar Europa gebracht en bewonderd.
Een hele tijd gelden kocht ik eens zo'n Roos van Jericho.
Wat eruitziet als een strooien bal, plooit uit uit tot een groene plant bij contact met water. Nadien rolt zie zich weer op.
Eigenlijk worden 3 planten "roos van Jericho" genoemd:
- Anastatica hierochuntica of opstandingsplant. Deze grijzige kruidachtige plant komt van nature voor in westelijk Azië. De plant wordt zelden hoger dan 15 cm. De naam opstandingsplant wijst op de eigenschap dat de plant zeer lang zonder water kunnen.
- Pallenis hierochuntica of Asteriscus hierochuntica
- selaginella lepidophylla of valse roos van Jericho: een opvallende mosvaren die bij regelval zijn bladeren openspreidt.
Je moet de plant op een droge en warme plaats bewaren. Zodra je haar een waterbad geeft, begint de plant zich te ontvouwen. Na hooguit een week moet je stoppen met water geven want de plant kan niet verdrogen, maar wel verdrinken!
Bij nader inzien denk ik dat de mijne een valse roos van Jericho is. Speelt voor mij geen rol. Het is een fascinerend zicht om die plant te zien uitrollen.
Men zegt dat in een huis waar de roos van Jericho bewaard wordt, geluk en zegen zal heersen.
Als talisman zou ze in staat zijn om negatieve energie te absorberen.
Om te kunnen overleven heeft de plant een opportunistische levenswijze.
Als er geen water voorhanden is, droogt de plant uit, wordt bruin en rollen de bladeren zich op als een bal. De plant lijkt dood, maar is slechts slapende.
In deze toestand kan zij jaren overleven.
Deze plant zou door Maria op haar vlucht van Nazareth naar Egypte gezegend zijn (op de vlakte van Jericho), en zo het eeuwige leven bekomen hebben. In de middeleeuwen werd ze door de kruisvaarders en later door pelgrims naar Europa gebracht en bewonderd.
Een hele tijd gelden kocht ik eens zo'n Roos van Jericho.
Wat eruitziet als een strooien bal, plooit uit uit tot een groene plant bij contact met water. Nadien rolt zie zich weer op.
Eigenlijk worden 3 planten "roos van Jericho" genoemd:
- Anastatica hierochuntica of opstandingsplant. Deze grijzige kruidachtige plant komt van nature voor in westelijk Azië. De plant wordt zelden hoger dan 15 cm. De naam opstandingsplant wijst op de eigenschap dat de plant zeer lang zonder water kunnen.
- Pallenis hierochuntica of Asteriscus hierochuntica
- selaginella lepidophylla of valse roos van Jericho: een opvallende mosvaren die bij regelval zijn bladeren openspreidt.
Je moet de plant op een droge en warme plaats bewaren. Zodra je haar een waterbad geeft, begint de plant zich te ontvouwen. Na hooguit een week moet je stoppen met water geven want de plant kan niet verdrogen, maar wel verdrinken!
Bij nader inzien denk ik dat de mijne een valse roos van Jericho is. Speelt voor mij geen rol. Het is een fascinerend zicht om die plant te zien uitrollen.
maandag 19 september 2016
Levervlekken
We blijven even bij hetzelfde onderwerp als vorige week. Nu gaat het over ouderdomsvlekken (lentigo), ook wel levervlekken genoemd vanwege de kleur. Ze hebben echter niets met een slecht werkende lever te maken. Het zijn gewoon huidafwijkingen bij oudere mensen (dus iedereen zal er later wel mee te maken krijgen).
Levervlekken zijn egaal bruine scherp begrensde vlakke plekken van enkele millimeters tot enkele centimeters groot. Ze komen vooral voor in het gelaat en op de handruggen, soms ook op het decolleté.
Er bestaat een duidelijk verband tussen het ontstaan van lentigo en de hoeveelheid zonlicht waaraan de huid gedurende het leven is blootgesteld. Het meest frequent zijn ze te vinden bij lichtere huidtypes.
Een aandoening die wel eens wordt verward met ouderdomsvlekken is purpura senilis. Dit zij ook donkere vlekjes die vooral voorkomen bij oudere mensen, maar ze worden niet veroorzaakt door een teveel aan pigment. het zijn kleine bloeduitstortinkjes die ontstaan doordat de huid met het ouder worden minder elastisch wordt.
Lentigo is meestal volstrekt goedaardig. Soms kunnen zich echter kwaadaardige pigmentcellen ontwikkelen. Hier spreekt men dan van lentigo maligna (of de ziekte van Dubreuilh).
Lentigo maligna onderscheidt zich van gewone lentigo door een wisselende en grillige pigmentatie. Het pigment is niet meer egaal, maar er komen wat donkerbruine tot bijna zwarte vlekken in.
In feite is lentigo maligna het laatste stadium vóór melanoma, de meest kwaadaardige worm van huidkanker.
De kans op een kwaadaardige ontaarding wordt geschat op 25 tot 50%.
Bij lentigo-vlekken die veranderen of klachten is het aangewezen om de huisarts te raadplegen.
Omdat lentigo goedaardig is, hoeft deze niet behandeld te worden.
Als je de vlekken storend vindt, kan je ze ook met make-up camoufleren zodat ze minder opvallen.
Levervlekken zijn egaal bruine scherp begrensde vlakke plekken van enkele millimeters tot enkele centimeters groot. Ze komen vooral voor in het gelaat en op de handruggen, soms ook op het decolleté.
Er bestaat een duidelijk verband tussen het ontstaan van lentigo en de hoeveelheid zonlicht waaraan de huid gedurende het leven is blootgesteld. Het meest frequent zijn ze te vinden bij lichtere huidtypes.
Een aandoening die wel eens wordt verward met ouderdomsvlekken is purpura senilis. Dit zij ook donkere vlekjes die vooral voorkomen bij oudere mensen, maar ze worden niet veroorzaakt door een teveel aan pigment. het zijn kleine bloeduitstortinkjes die ontstaan doordat de huid met het ouder worden minder elastisch wordt.
Lentigo is meestal volstrekt goedaardig. Soms kunnen zich echter kwaadaardige pigmentcellen ontwikkelen. Hier spreekt men dan van lentigo maligna (of de ziekte van Dubreuilh).
Lentigo maligna onderscheidt zich van gewone lentigo door een wisselende en grillige pigmentatie. Het pigment is niet meer egaal, maar er komen wat donkerbruine tot bijna zwarte vlekken in.
In feite is lentigo maligna het laatste stadium vóór melanoma, de meest kwaadaardige worm van huidkanker.
De kans op een kwaadaardige ontaarding wordt geschat op 25 tot 50%.
Bij lentigo-vlekken die veranderen of klachten is het aangewezen om de huisarts te raadplegen.
Omdat lentigo goedaardig is, hoeft deze niet behandeld te worden.
Als je de vlekken storend vindt, kan je ze ook met make-up camoufleren zodat ze minder opvallen.
zondag 11 september 2016
Ouderdomswratjes
Wat is een ouderdomswrat? Het is een foutje in de huid waarvan de oorzaak niet gekend is. Bijna iedereen kan een ouderdomswrat krijgen. Meestal zelfs meerdere.
Op 25 jaar heeft 1 persoon op 10 er minstens eentje. Als je 75 bent, heb je 9 kansen op 10 minstens 1 ouderdomswrat. Ze zijn niet besmettelijk.
Ouderdomswratten kunnen heel verschillende vormen en kleuren aannemen.
Het begint meestal als een klein geelbruin vlekje met een eerder zacht en wat ongelijk oppevlak. Over de jaren groeien ze uit tot dikkere en grotere verheven letsels van een halve tot 1 cm, soms zelfs groter.
Ouderdomswratten zijn verheven, meestal enkele mm dik en hebben een fluwelig tot bloemkoolachtig, hobbelig oppervlak. Ze lijken soms als kauwgom op de huid geplakt en makkelijk los te krabben. Maar dat valt tegen: ze zitten stevig vast op de huid.
Ze komen vaak op het aangezicht voor, op de rug, nek en de borst. Maar eigenlijk kunnen ze overal op het lichaam voorkomen, uitgezonderd op de handpalmen, voetzolen en lippen.
Deze wratten moeten niet behandeld worden. maar ze gaan ook niet vanzelf weg. Ze worden meestal langzaam groter. Je kan ze laten verwijderen om cosmetische redenen. Een arts kan ze dan bevriezen of wegschrapen (onder verdoving).
Gewone wratten worden door een virus veroorzaakt. Die zijn wel besmettelijk en kunnen via een handdruk of via water in plassen langs het zwembad worden doorgegeven. Vandaar dat ze vaak op handen of voeten zitten.
Als ze niet hinderlijk zijn moeten ze niet behandeld worden want ze verdwijnen meestal vanzelf omdat we antistoffen maken tegen het virus.
Na 2 jaar zijn de meeste wratten weg.
Voetzoolwratten kunnen wel erg hinderlijk zijn omdat ze door de druk de neiging hebben om naar binnen te groeien.
Op 25 jaar heeft 1 persoon op 10 er minstens eentje. Als je 75 bent, heb je 9 kansen op 10 minstens 1 ouderdomswrat. Ze zijn niet besmettelijk.
Ouderdomswratten kunnen heel verschillende vormen en kleuren aannemen.
Het begint meestal als een klein geelbruin vlekje met een eerder zacht en wat ongelijk oppevlak. Over de jaren groeien ze uit tot dikkere en grotere verheven letsels van een halve tot 1 cm, soms zelfs groter.
Ouderdomswratten zijn verheven, meestal enkele mm dik en hebben een fluwelig tot bloemkoolachtig, hobbelig oppervlak. Ze lijken soms als kauwgom op de huid geplakt en makkelijk los te krabben. Maar dat valt tegen: ze zitten stevig vast op de huid.
Ze komen vaak op het aangezicht voor, op de rug, nek en de borst. Maar eigenlijk kunnen ze overal op het lichaam voorkomen, uitgezonderd op de handpalmen, voetzolen en lippen.
Deze wratten moeten niet behandeld worden. maar ze gaan ook niet vanzelf weg. Ze worden meestal langzaam groter. Je kan ze laten verwijderen om cosmetische redenen. Een arts kan ze dan bevriezen of wegschrapen (onder verdoving).
Gewone wratten worden door een virus veroorzaakt. Die zijn wel besmettelijk en kunnen via een handdruk of via water in plassen langs het zwembad worden doorgegeven. Vandaar dat ze vaak op handen of voeten zitten.
Als ze niet hinderlijk zijn moeten ze niet behandeld worden want ze verdwijnen meestal vanzelf omdat we antistoffen maken tegen het virus.
Na 2 jaar zijn de meeste wratten weg.
Voetzoolwratten kunnen wel erg hinderlijk zijn omdat ze door de druk de neiging hebben om naar binnen te groeien.
zaterdag 20 augustus 2016
Gouda
Donderdag ben ik voor de eerste keer meegegaan met Lauwers Reizen. De uitstap ging naar de kaasmarkt in Gouda.
Onderweg kregen we van de gids een klein beetje uitleg over Nederland en de steden die we passeerden. Geen saaie bedoening met veel data en andere geschiedkundige uitleg. Wel enkele wetenswaardigheden, net genoeg om interessant te blijven.
Bij aankomst kregen we een kop koffie die best lekker was: sterk, maar niet bitter. En bij die koffie hoorde een echte Goudse stroopwafel.
Banketbakkerij Van Vliet is specialist in het bakken van dé 'Goudse stroopwafels' naar het oude geheime recept.
De rest van de voormiddag konden we op eigen tempo de kaasmarkt bezoeken, door de winkelstraatje flaneren (waar op dat ogenblik ook een soort markt/braderij was), de kerk bezoeken, een terrasje doen, ... Kortom ieder vulde de voormiddag naar eigen wens. Wij besloten om na de kaasmarkt de St Janskerk met zijn mooie gebrandschilderde ramen te bezoeken.
De kaasmarkt zelf gaat door op een klein stukje van het driehoekige marktplein. Eigenlijk is die kaasmarkt best klein. Ze wordt enkel nog gehouden ten behoeve van de toeristen en dat is duidelijk te merken.

Midden op het marktplein staat het stadhuis. Nogal ongewoon.
In de zomer van 1438 zorgde een grote stadsbrand ervoor dat het stadhuis zwaar beschadigd raakte. Het stadsbestuur besloot dan ook dat het nieuwe stadhuis vrij moest staan en koos als nieuwe locatie het marktveld, toen nog een drassig veenterrein.
Op enkele stappen van het marktplein ligt de St. Janskerk.
De eerste vermelding van de Sint-Janskerk is uit 1280, maar de huidige vorm is na de grote brand van 1552 ontstaan.
De kerk is vernoemd naar Johannes de Doper, de schutspatroon van Gouda.
Met haar lengte van maar liefst 123 meter is het de langste kerk van Nederland. Veel middeleeuwse steden deden hun best om de hoogste kerk van het land te bouwen, maar op de slappe bodem van Gouda kun je het beter in de lengte zoeken.
Deze kerk is wereldberoemd om haar Goudse Glazen: 72 gebrandschilderde ramen uit de middeleeuwen en de renaissance. Veel mensen konden niet lezen. Daarom werd een beeldtaal gebruikt die iedereen in die tijd begreep. De hond, symbool van trouw, figureert zodoende in wel twintig Glazen. Aan de voeten van de corrupte koning Herodes ligt echter een beer: symbool van ontucht en zonde.
Deze oorspronkelijke katholieke kerk werd in gebruik genomen door de protestantse gemeenschap van Gouda. Het was mijn eerste bezoek aan een protestantse kerk en ze heeft een geweldige indruk op mij gemaakt. Het koor is gebleven, maar het schip wordt volledig in beslag genomen door banken. Banken die georiënteerd zijn rond een spreekgestoelte. Maar die banken staan niet zomaar in een ronde, ze staan ook nog eens op een helling. Heel speciaal.
Gouda is een leuk klein stadje dat het bezoeken waard is. Maar meer dan een daguitstap zit er niet in.
Na de middag stond er nog een bezoek aan een kaasboerderij op het programma. De weg naar Ouderkerk aan den IJssel was een belevenis op zich. Om de huizen en boerderijen te beschermen tegen overstromingen werden veel hoge dijken opgeworpen. En omdat, in geval van overstromingen, deze huizen en boerderijen nog bereikbaar zouden zijn, werden de wegen aangelegd op die dijken. Deze wegen zijn dus niet echt breed. Als 2 wagen elkaar kruisen moeten de fietsers goed opletten. Als 2 bussen elkaar kruisen ... is het echt opletten ... en stapvoets verder rijden ...
Het was een leuke en interessante uitstap. Ik ga zeker nog mee met Lauwers Reizen.
Onderweg kregen we van de gids een klein beetje uitleg over Nederland en de steden die we passeerden. Geen saaie bedoening met veel data en andere geschiedkundige uitleg. Wel enkele wetenswaardigheden, net genoeg om interessant te blijven.
Bij aankomst kregen we een kop koffie die best lekker was: sterk, maar niet bitter. En bij die koffie hoorde een echte Goudse stroopwafel.
Banketbakkerij Van Vliet is specialist in het bakken van dé 'Goudse stroopwafels' naar het oude geheime recept.
De rest van de voormiddag konden we op eigen tempo de kaasmarkt bezoeken, door de winkelstraatje flaneren (waar op dat ogenblik ook een soort markt/braderij was), de kerk bezoeken, een terrasje doen, ... Kortom ieder vulde de voormiddag naar eigen wens. Wij besloten om na de kaasmarkt de St Janskerk met zijn mooie gebrandschilderde ramen te bezoeken.
De kaasmarkt zelf gaat door op een klein stukje van het driehoekige marktplein. Eigenlijk is die kaasmarkt best klein. Ze wordt enkel nog gehouden ten behoeve van de toeristen en dat is duidelijk te merken.
Midden op het marktplein staat het stadhuis. Nogal ongewoon.
In de zomer van 1438 zorgde een grote stadsbrand ervoor dat het stadhuis zwaar beschadigd raakte. Het stadsbestuur besloot dan ook dat het nieuwe stadhuis vrij moest staan en koos als nieuwe locatie het marktveld, toen nog een drassig veenterrein.
Op enkele stappen van het marktplein ligt de St. Janskerk.
De eerste vermelding van de Sint-Janskerk is uit 1280, maar de huidige vorm is na de grote brand van 1552 ontstaan.
De kerk is vernoemd naar Johannes de Doper, de schutspatroon van Gouda.
Met haar lengte van maar liefst 123 meter is het de langste kerk van Nederland. Veel middeleeuwse steden deden hun best om de hoogste kerk van het land te bouwen, maar op de slappe bodem van Gouda kun je het beter in de lengte zoeken.
Deze kerk is wereldberoemd om haar Goudse Glazen: 72 gebrandschilderde ramen uit de middeleeuwen en de renaissance. Veel mensen konden niet lezen. Daarom werd een beeldtaal gebruikt die iedereen in die tijd begreep. De hond, symbool van trouw, figureert zodoende in wel twintig Glazen. Aan de voeten van de corrupte koning Herodes ligt echter een beer: symbool van ontucht en zonde.
Deze oorspronkelijke katholieke kerk werd in gebruik genomen door de protestantse gemeenschap van Gouda. Het was mijn eerste bezoek aan een protestantse kerk en ze heeft een geweldige indruk op mij gemaakt. Het koor is gebleven, maar het schip wordt volledig in beslag genomen door banken. Banken die georiënteerd zijn rond een spreekgestoelte. Maar die banken staan niet zomaar in een ronde, ze staan ook nog eens op een helling. Heel speciaal.
Gouda is een leuk klein stadje dat het bezoeken waard is. Maar meer dan een daguitstap zit er niet in.
Het was een leuke en interessante uitstap. Ik ga zeker nog mee met Lauwers Reizen.
zondag 14 augustus 2016
Boekenkastje
In de Burggraeve had ik al gezien dat er nu ook boekenruilkastjes staan in Evergem. Een leuk initiatief. Zo kan je je gelezen boeken ruilen met anderen. Al moet je wel afwachten of er iets in zo'n kastje zit dat je interesseert.
Op mijn fietstochtje ben ik er een paar gepasseerd en ik kon natuurlijk niets anders dan eens kijken wat erin stond.
Het eerste kastje was een verzameling van oude boeken, boeken die weinigen zullen interesseren. Al heb ik er wel een mooi exemplaar gevonden, in kunstleer gebonden met gouden opdruk. Het oogt mooi en de titel: "Burcht der verschrikking" spreekt tot de verbeelding. Dus heb ik het meegenomen. Later steek ik er wel een ander boek voor in de plaats.
Wat verder vond ik opnieuw een boekenkastje. Hier was de inhoud van recentere datum. Zo heb ik het boek "De eenzaamheid van de priemgetallen" meegenomen. Daar had ik al eens iets over gehoord en gelezen. Nu kan ik het boek zelf lezen en beoordelen. Dat betekent dus ook dat ik ook in dit boekenkastje nog een boek moet achterlaten.
Dus heb ik weer lectuur voor de zomer. Zalig in de tuin met een kop koffie of een glas wijn.
Heerlijk.
Op mijn fietstochtje ben ik er een paar gepasseerd en ik kon natuurlijk niets anders dan eens kijken wat erin stond.
Het eerste kastje was een verzameling van oude boeken, boeken die weinigen zullen interesseren. Al heb ik er wel een mooi exemplaar gevonden, in kunstleer gebonden met gouden opdruk. Het oogt mooi en de titel: "Burcht der verschrikking" spreekt tot de verbeelding. Dus heb ik het meegenomen. Later steek ik er wel een ander boek voor in de plaats.
Wat verder vond ik opnieuw een boekenkastje. Hier was de inhoud van recentere datum. Zo heb ik het boek "De eenzaamheid van de priemgetallen" meegenomen. Daar had ik al eens iets over gehoord en gelezen. Nu kan ik het boek zelf lezen en beoordelen. Dat betekent dus ook dat ik ook in dit boekenkastje nog een boek moet achterlaten.
Dus heb ik weer lectuur voor de zomer. Zalig in de tuin met een kop koffie of een glas wijn.
Heerlijk.
zondag 7 augustus 2016
Biermuseum
Een blog over Evergem zou niet compleet zijn zonder een melding van het Biermuseum.
Reeds jaren wou ik daar eens langs gaan en het werd nu toch stilletjesaan tijd want begin oktober sluiten de deuren definitief. Het ganse museum zal worden overgebracht naar Brugge, naar de bovenste verdiepingen van het historisch postgebouw op de Markt (www.brugesbeermuseum.com).
Dus wie het hier nog wil bezoeken zal moeten vlug zijn.
Het biermuseum is gelegen in de ruime kelder onder de woning in de Kuipstraat te Ertvelde. Het gaat eigenlijk om een uit de hand gelopen hobby. Het begon allemaal met een ontvangen biermand.
Ondertussen staan er al zo'n 8000 flessen en blikjes die nog steeds gevuld zijn met het originele bier en ongeveer 7.500 verschillende glazen. Verder zie je er ook biervilthouders, serveer platteaus, reclame panelen, kortom wat ook met bier te maken heeft is hier welkom.
Na een bezoek aan het museum kan je ook ter plaatse een biertje drinken. Ik heb mij laten verleiden door een blond Beremietje, een biertje dat speciaal voor het Biermuseum wordt gebrouwen. Het bier is genoemd naar Remi en Bernice (zijn ondertussen overleden echtgenote), de stichters en bezielers van het museum. Eind 2011 werd het bier gedoopt in zijn eigen museum.
Reeds jaren wou ik daar eens langs gaan en het werd nu toch stilletjesaan tijd want begin oktober sluiten de deuren definitief. Het ganse museum zal worden overgebracht naar Brugge, naar de bovenste verdiepingen van het historisch postgebouw op de Markt (www.brugesbeermuseum.com).
Dus wie het hier nog wil bezoeken zal moeten vlug zijn.
Het biermuseum is gelegen in de ruime kelder onder de woning in de Kuipstraat te Ertvelde. Het gaat eigenlijk om een uit de hand gelopen hobby. Het begon allemaal met een ontvangen biermand.
Ondertussen staan er al zo'n 8000 flessen en blikjes die nog steeds gevuld zijn met het originele bier en ongeveer 7.500 verschillende glazen. Verder zie je er ook biervilthouders, serveer platteaus, reclame panelen, kortom wat ook met bier te maken heeft is hier welkom.
Na een bezoek aan het museum kan je ook ter plaatse een biertje drinken. Ik heb mij laten verleiden door een blond Beremietje, een biertje dat speciaal voor het Biermuseum wordt gebrouwen. Het bier is genoemd naar Remi en Bernice (zijn ondertussen overleden echtgenote), de stichters en bezielers van het museum. Eind 2011 werd het bier gedoopt in zijn eigen museum.
zondag 10 juli 2016
Boodschappennetje haken
Je hebt zo van die dagen dat je geest rusteloos van de ene gedachte naar de andere vliegt. Dan is het moeilijk om je aandacht bij een boek te houden. Dus neem ik een handwerkje en een tas koffie om op het terras te genieten van het mooie weer.
Plastiek zakjes zijn er te veel. daar zal iedereen het wel mee eens zijn. Dus haak ik een boodschappentas aan de hand van een patroon dat ik heb gevonden op Pinterest.
Voor de grote boodschappen gebruik ik natuurlijk plooiboxen, maar voor kleine boodschappen is zo'n netje ideaal.
Plastiek zakjes zijn er te veel. daar zal iedereen het wel mee eens zijn. Dus haak ik een boodschappentas aan de hand van een patroon dat ik heb gevonden op Pinterest.
Voor de grote boodschappen gebruik ik natuurlijk plooiboxen, maar voor kleine boodschappen is zo'n netje ideaal.
zondag 3 juli 2016
Diploma kwijt?
Sinds 2013 beschikt Vlaanderen over een centrale databank voor diploma's, getuigschriften en ervaringsbewijzen.
In de Leer- en Ervaringsbewijzendatabank (LED) worden alle diploma's, certificaten, ervaringsbewijzen, getuigschriften geregistreerd die je behaald hebt. De gegevens worden geleverd door het secundair onderwijs, de hogescholen en universiteiten, Syntra en de VDAB. Ondertussen werden ook de gegevens uit het volwassenenonderwijs opgenomen.
Er werd gestart met gegevens van de voorbije 10 jaar. Door technische obstakels is het niet altijd mogelijk om verder terug te gaan in de tijd.
De bedoeling is dat de databank de komende jaren nog wordt uitgebreid met oudere gegevens.
Wie zijn LED wil raadplegen, kan dat met zijn elektronische identiteitskaart (eID) of token op volgende site: http://www.ond.vlaanderen.be/led/
Ik ben dus even gaan kijken.
Jawel hoor, mijn diploma's en getuigschriften (volwassenenonderwijs) staan vermeld. Al staat er geen datum bij mijn diploma's (te lang geleden behaald?).
25.09.2016:
Vandaag heb ik opnieuw opleidingscheques besteld bij VDAB. Ook daar kon ik al mijn diploma's terugvinden in mijn account.
In de Leer- en Ervaringsbewijzendatabank (LED) worden alle diploma's, certificaten, ervaringsbewijzen, getuigschriften geregistreerd die je behaald hebt. De gegevens worden geleverd door het secundair onderwijs, de hogescholen en universiteiten, Syntra en de VDAB. Ondertussen werden ook de gegevens uit het volwassenenonderwijs opgenomen.
Er werd gestart met gegevens van de voorbije 10 jaar. Door technische obstakels is het niet altijd mogelijk om verder terug te gaan in de tijd.
De bedoeling is dat de databank de komende jaren nog wordt uitgebreid met oudere gegevens.
Wie zijn LED wil raadplegen, kan dat met zijn elektronische identiteitskaart (eID) of token op volgende site: http://www.ond.vlaanderen.be/led/
Ik ben dus even gaan kijken.
Jawel hoor, mijn diploma's en getuigschriften (volwassenenonderwijs) staan vermeld. Al staat er geen datum bij mijn diploma's (te lang geleden behaald?).
25.09.2016:
Vandaag heb ik opnieuw opleidingscheques besteld bij VDAB. Ook daar kon ik al mijn diploma's terugvinden in mijn account.
zondag 19 juni 2016
Doornik
Met de klas van avondschool bezoeken we ieder jaar een stad onder leiding van een gids, in het Frans natuurlijk. Dit jaar gingen we naar Doornik, Tournai in het Frans. Doornik is de op één na oudste stad van België. Tongeren is de oudste stad.
De stad is mij echt bevallen. De avondwandeling was voor mij slechts een eerste kennismaking. Ik ga zeker nog eens terug. Met een vriendin maak ik er wel een meerdaagse uitstap van.
Het eerste dat opvalt, is het mooie marktplein. De helft werd ingericht als parking en de andere helft is voetgangerszone met grote terrassen waar je tegen een redelijke prijs een goede maaltijd krijgt opgediend.
Sinds 1985 hangen er aan de gevels 36 vaandels van gilden.
Het driehoekige marktplein eindigt (of begint) bij het sierlijke Belfort. Dit Belfort uit 1188 is het oudste Belfort van België en is erkend als Unesco Werelderfgoed sinds 1999.
Iets verder ligt de indrukwekkende Onze-Lieve-Vrouwkathedraal met haar 5 klokkentorens. Gezien we onze wandeling 's avonds hadden gepland, was de kathedraal al gesloten. Een reden om eens terug te komen. Al kan je volgens de gids niet zoveel zien van met mooie interieur, er zijn namelijk al sinds 2003 restauratiewerken bezig. Volgens haar is de schatkamer, die wel toegankelijk is, een aanrader.
In het Stadspark met zijn 2 waterpartijen staat het stadhuis. Achter de 3 bogen naast het stadhuis staat een Ginkgo Biloba die gepland werd in 1763. Die boom is dus meer dan 250 jaar oud!
Ook in Doornik zijn talrijke musea waaronder het Museum voor Schone Kunsten volgens de gids zeer de moeite waard is.
De stad is mij echt bevallen. De avondwandeling was voor mij slechts een eerste kennismaking. Ik ga zeker nog eens terug. Met een vriendin maak ik er wel een meerdaagse uitstap van.
Het eerste dat opvalt, is het mooie marktplein. De helft werd ingericht als parking en de andere helft is voetgangerszone met grote terrassen waar je tegen een redelijke prijs een goede maaltijd krijgt opgediend.
Sinds 1985 hangen er aan de gevels 36 vaandels van gilden.
Het driehoekige marktplein eindigt (of begint) bij het sierlijke Belfort. Dit Belfort uit 1188 is het oudste Belfort van België en is erkend als Unesco Werelderfgoed sinds 1999.
Iets verder ligt de indrukwekkende Onze-Lieve-Vrouwkathedraal met haar 5 klokkentorens. Gezien we onze wandeling 's avonds hadden gepland, was de kathedraal al gesloten. Een reden om eens terug te komen. Al kan je volgens de gids niet zoveel zien van met mooie interieur, er zijn namelijk al sinds 2003 restauratiewerken bezig. Volgens haar is de schatkamer, die wel toegankelijk is, een aanrader.
In het Stadspark met zijn 2 waterpartijen staat het stadhuis. Achter de 3 bogen naast het stadhuis staat een Ginkgo Biloba die gepland werd in 1763. Die boom is dus meer dan 250 jaar oud!
| Stadhuis |
zondag 29 mei 2016
IJsheiligen
Nu de IJsheiligen voorbij zijn, kunnen de terrasplanten terug uit het tuinhuis. Dat maakt het gezellig op het terras. Maar het is stilletjesaan beginnen regenen. Tijd dus voor een pauze.
Wie zijn die ijsheiligen nu eigenlijk? Dat vraag ik mij al enkele jaren af.
Leve het internet. Dit heb ik gevonden:
IJsheiligen zijn heiligen van wie de naamdagen vallen in de periode van 11 tot en met 15 mei. De volkswijsheid wil dat er na die periode geen nachtvorst meer zou zijn. De eerste berichten over deze heiligen dateren van rond het jaar 1000.
De namen:
St. Mamertus (op 11 mei), aartsbisschop van de Franse stad Vienne in het begin van de 5de eeuw
St. Pancratuis (op 12 mei), een 14-jarige jongen uit Phrygië die weigerde te offeren aan de Romeinse goden (hierop stond de doodstraf)
St. Servatius van Maastricht (op 13 mei), zou de laatste bisschop van Tongeren en de eerste bisschop van Maastricht zijn geweest.
St. Bonifatius van Tarsus (op 14 mei), een Romeins burger die in 307 de marteldood stierf tijdens de christenvervolgingen onder keizer Diocletianus.
St. Sophia van Rome (op 15 mei), werd in 304 slachtoffer van de christenvervolging van keizer Diocletianus.
In vroeger tijden gebruikte men rijmpjes om dingen te onthouden. Ook over deze IJsheiligen bestaan rijmpjes:
Al is Mamertus oud en grijs,
hij houdt van vriezen en van ijs.
Voor de nachtvorst zijt ge niet beschermd,
totdat Servatius zich over u ontfermt.
Van nachtvorst ben je nimmer vrij,
als Bonifaas nog niet is voorbij.
Pancraas, Servaas en Bonifaas,
geven ijs en vorst helaas.
Het kan vriezen tot in mei,
tot de IJsheiligen zijn voorbij.
Vóór IJsheiligen de bloempotten buiten,
veelal kun je er dan naar fluiten,
wacht af tot de heiligen zijn voorbij,
de bloemen zijn u daarvoor blij.
Op naar de zomer. Hopelijk hebben we een mooie zomer en kunnen we veel genieten van de tuin.
Wie zijn die ijsheiligen nu eigenlijk? Dat vraag ik mij al enkele jaren af.
Leve het internet. Dit heb ik gevonden:
IJsheiligen zijn heiligen van wie de naamdagen vallen in de periode van 11 tot en met 15 mei. De volkswijsheid wil dat er na die periode geen nachtvorst meer zou zijn. De eerste berichten over deze heiligen dateren van rond het jaar 1000.
De namen:
St. Mamertus (op 11 mei), aartsbisschop van de Franse stad Vienne in het begin van de 5de eeuw
St. Pancratuis (op 12 mei), een 14-jarige jongen uit Phrygië die weigerde te offeren aan de Romeinse goden (hierop stond de doodstraf)
St. Servatius van Maastricht (op 13 mei), zou de laatste bisschop van Tongeren en de eerste bisschop van Maastricht zijn geweest.
St. Bonifatius van Tarsus (op 14 mei), een Romeins burger die in 307 de marteldood stierf tijdens de christenvervolgingen onder keizer Diocletianus.
St. Sophia van Rome (op 15 mei), werd in 304 slachtoffer van de christenvervolging van keizer Diocletianus.
In vroeger tijden gebruikte men rijmpjes om dingen te onthouden. Ook over deze IJsheiligen bestaan rijmpjes:
Al is Mamertus oud en grijs,
hij houdt van vriezen en van ijs.
Voor de nachtvorst zijt ge niet beschermd,
totdat Servatius zich over u ontfermt.
Van nachtvorst ben je nimmer vrij,
als Bonifaas nog niet is voorbij.
Pancraas, Servaas en Bonifaas,
geven ijs en vorst helaas.
Het kan vriezen tot in mei,
tot de IJsheiligen zijn voorbij.
Vóór IJsheiligen de bloempotten buiten,
veelal kun je er dan naar fluiten,
wacht af tot de heiligen zijn voorbij,
de bloemen zijn u daarvoor blij.
Op naar de zomer. Hopelijk hebben we een mooie zomer en kunnen we veel genieten van de tuin.
zondag 24 april 2016
Floraliën
Het is weer zover. De zoveelste editie van de Floraliën. Nu gingen ze niet door in Flanders Expo, maar in enkele sites in het kunstenkwartier van Gent. Terug naar hun "roots". Niet naar de Gentse herberg waar het in 1809 begon, maar naar de Floraliahal in het Citadelpark.
Het is een gans andere aanpak en volgens mij toch niet zo ideaal. Je moet op iedere locatie je polsbandje laten inscannen en uitscannen. Een heel gedoe met soms heel lange wachtrijen. Geef mij dan maar de oude formule: 1 keer aanschuiven en daarna op je eigen tempo de bloemenpracht bewonderen.
Ik was in de voormiddag vertrokken in de hoop op minder volk (want de weerman had ook slecht weer voorspelt). Ik was niet alleen met mijn idee. Honderden anderen stonden ook aan te schuiven op de Bijlokelocatie om hun polsbandje te bemachtigen. Daarna was het aanschuiven om je polsbandje te laten inscannen. De eerste uren heb ik meer staan aanschuiven dan dat ik bloemen heb gezien.
Bij het verlaten van deze site ging het al wat beter. Aan de Leopoldskazerne moest ik zelfs niet aanschuiven, daar ging het echt vlot. Het was toen ook al middag. Misschien waren veel mensen aan hun middagpauze bezig. Want op het Sint-Pietersplein was het opnieuw aanschuiven. Al ging het daar toch redelijk vlot in vergelijking met de Bijloke.
Daarna nog naar het Citadelpark. Ik was ondertussen wel al wat moe van dat stappen en slenteren dus heb ik de gratis pendelbus genomen, zoals zovele anderen want de bus stand stampend vol.
Ik ben uitgeteld na zo'n dag slenteren en stappen. Ze zullen mij vanavond niet moeten wiegen.
PS: vroeger werden de Floraliën elke 5 jaar georganiseerd, nu is het al van 2010 geleden. Voortaan komen ze zullen ze elke 4 jaar georganiseerd worden.
Het is een gans andere aanpak en volgens mij toch niet zo ideaal. Je moet op iedere locatie je polsbandje laten inscannen en uitscannen. Een heel gedoe met soms heel lange wachtrijen. Geef mij dan maar de oude formule: 1 keer aanschuiven en daarna op je eigen tempo de bloemenpracht bewonderen.
Ik was in de voormiddag vertrokken in de hoop op minder volk (want de weerman had ook slecht weer voorspelt). Ik was niet alleen met mijn idee. Honderden anderen stonden ook aan te schuiven op de Bijlokelocatie om hun polsbandje te bemachtigen. Daarna was het aanschuiven om je polsbandje te laten inscannen. De eerste uren heb ik meer staan aanschuiven dan dat ik bloemen heb gezien.
Bij het verlaten van deze site ging het al wat beter. Aan de Leopoldskazerne moest ik zelfs niet aanschuiven, daar ging het echt vlot. Het was toen ook al middag. Misschien waren veel mensen aan hun middagpauze bezig. Want op het Sint-Pietersplein was het opnieuw aanschuiven. Al ging het daar toch redelijk vlot in vergelijking met de Bijloke.
Daarna nog naar het Citadelpark. Ik was ondertussen wel al wat moe van dat stappen en slenteren dus heb ik de gratis pendelbus genomen, zoals zovele anderen want de bus stand stampend vol.
Ik ben uitgeteld na zo'n dag slenteren en stappen. Ze zullen mij vanavond niet moeten wiegen.
PS: vroeger werden de Floraliën elke 5 jaar georganiseerd, nu is het al van 2010 geleden. Voortaan komen ze zullen ze elke 4 jaar georganiseerd worden.
zondag 17 april 2016
Zuid-Abdijmolen te Koksijde
De Zuid-Abdijmolen is gelegen tegenover de ingang van het Abdijmuseum Ten Duinen en bevindt zich op één van de twee oorspronkelijke molenbergen.
De staakmolen zelf is niet de oorspronkelijke abdijmolen. Hij dateert van 1773 en stond oorspronkelijk te Houtem bij Veurne.
De gemeente Koksijde kocht de molen in 1952. De restauratie ervan was in 1984 voltooid.
De molen in cijfers:
Deze windmolen weegt 50 ton en is gebouwd met eik (buitenzijde) en olm (binnenzijde).
De hoogte bedraagt 14 meter.
Een molenwiek is 12 meter land en weegt 750 kg.
De 4 molenstenen, in 2 koppels geplaatst met een diameter van 1,75 m, wegen elk 1,5 ton.
Er kan 75 kg graan per uur verwerkt worden.
Om de molen te doen malen is er een windkracht nodig tussen 4 en 7 beaufort.
Ieder weekdag kan je de molen bezoeken, alleen op zondag is hij gesloten.
Nieuwsgierig als ik ben, wou ik deze molen dus bezoeken. Het was niet alleen een unieke ervaring maar, voor mij, ook een enge ervaring. Ik zal niet beweren dat ik hoogtevrees heb, maar ik voel mij toch veiliger op de grond. Dus langs die steile molenaarstrap omhoog en omlaag was geen lachertje.
Ook binnenin voelde ik mij niet op mijn gemak. Een molen "wiebelt" altijd een klein beetje en dat bezorgde mij de kriebels. Ik ben blij dat ik een molen van binnen heb kunnen bekijken. Maar een tweede keer krijgen ze mij er niet meer in.
De staakmolen zelf is niet de oorspronkelijke abdijmolen. Hij dateert van 1773 en stond oorspronkelijk te Houtem bij Veurne.
De gemeente Koksijde kocht de molen in 1952. De restauratie ervan was in 1984 voltooid.
De molen in cijfers:
Deze windmolen weegt 50 ton en is gebouwd met eik (buitenzijde) en olm (binnenzijde).
De hoogte bedraagt 14 meter.
Een molenwiek is 12 meter land en weegt 750 kg.
De 4 molenstenen, in 2 koppels geplaatst met een diameter van 1,75 m, wegen elk 1,5 ton.
Er kan 75 kg graan per uur verwerkt worden.
Om de molen te doen malen is er een windkracht nodig tussen 4 en 7 beaufort.
Ieder weekdag kan je de molen bezoeken, alleen op zondag is hij gesloten.
Nieuwsgierig als ik ben, wou ik deze molen dus bezoeken. Het was niet alleen een unieke ervaring maar, voor mij, ook een enge ervaring. Ik zal niet beweren dat ik hoogtevrees heb, maar ik voel mij toch veiliger op de grond. Dus langs die steile molenaarstrap omhoog en omlaag was geen lachertje.
Ook binnenin voelde ik mij niet op mijn gemak. Een molen "wiebelt" altijd een klein beetje en dat bezorgde mij de kriebels. Ik ben blij dat ik een molen van binnen heb kunnen bekijken. Maar een tweede keer krijgen ze mij er niet meer in.
zondag 10 april 2016
Abdijmuseum Ten Duinen in Koksijde
Heel wat jaren geleden heb ik dit museum al eens bezocht. Dit werd dus een herontdekking.
Alle bezoekers van het Abdijmuseum Ten Duinen worden verwelkomd in 'Castel Fiertel', de bijzondere villa op de hoek van de Jaak van Buggenhoutlaan en de Koninklijke Prinslaan.
Eeuwenlang domineerde het silhouet van de Duinenabdij het landschap, tot de tand des tijds alles onder het zand bedolf.
Opgravingen en grondige restauratiecampagnes haalden het grondplan van de abdij weer te voorschijn.
Een beetje geschiedenis:
1107: De Franse kluizenaar Ligerius trekt zich terug in de duinen van Koksijde. Er ontstaat een kleine gemeenschap die tot benedictijnenabdij wordt omgevormd.
1138: aansluiting bij de Orde van Cîteaux.
1139: Robrecht van Brugge, vriend van Bernard van Clairvaux, is de eerste cisterciënzerabt. e abdij telt 15 monniken en 13 lekenbroeders. De groei is spectaculair.
1214: begin van de bouw van de abdijkerk (voltooid in 1262).
1253: de abdij telt nu 120 monniken en 248 lekenbroeders.
Tussen 1260 en 1275 groeit de oppervlakte van het abdijbezit uit tot 10.000 ha.
1302: het verzet van de Vlamingen tegen de Franse koning, dat uiteindelijk leidt tot de Guldensporenslag, heeft zware gevolgen voorde Duinheren die partij hebben gekozen voor de Leliaerts. Uit wraak worden tal van abdijbezittingen verwoest.
1339: begin van de Honderdjarige Oorlog.
14de eeuw: de Zwarte Dood decimeert de Europese bevolking. Armoede, oorlog en hongersnood teisteren Vlaanderen. Daarnaast krijgt de abdij te kampen met een steeds grotere terugval van het aantal monniken, de toenemende verzanding en stijgend grondwater. De monniken willen weg uit de vervallen en veel te grote abdij, maar hogere besturen weigeren elk verzoek.
16de eeuw: terugval van het aantal monniken naar 25. Uiteindelijk trekt de gemeenschap zich na de Beeldenstorm en het kortstondige protestantse bewind over de regio terug op de uithof Ten Bogaerde, een abdijhoeve.
1627: verhuizing naar Brugge, in de 'refuge' ter Doest. Bouw van een nieuwe, kleinere abdij in Brugge, met afbraakmateriaal uit Koksijde.
17de eeuw: stuifduinen nemen bezit van de site.
1833: Dood van de laatste Duinheer, Nikolaas De Roover. Alle bezittingen van de abdij gaan over naar de Brugse kloosters en het bisdom Brugge. De abdijgebouwen in Brugge worden gebruikt als Grootseminarie.
1894: Idesbald van der Gracht, de derde abt van de abdij, wordt zalig verklaart. Dit gebeuren wordt feestelijk gevierd en is ook de aanleiding om op zoek te gaan naar de oorspronkelijke vestiging te Koksijde.
1897: de eerste sporen worden terug gevonden. De kerk en het pand worden onder een 3 meter dikke zandlaag gelokaliseerd. Het hoge grondwaterpeil dwingt de onderzoekers echter hun activiteiten te staken.
1911: het onderzoek in opdracht van de Brusselse Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis wordt terug verder gezet. Een aantal opgegraven voorwerpen worden hierbij naar de Koninklijke Musea overgebracht.
Pas in 1949 start men in Koksijde met systematische opgravingen.
Vanaf 1959 wordt de abdijsite O.L.V. Ten Duinen een museum. De in Koksijde gevonden artefacten krijgen hierbij een veilige thuishaven. Inhoudelijk wordt het museum opgevat als een dubbelmuseum met enerzijds een archeologische-historisch, en anderzijds een natuurwetenschappelijk en - historisch luik.
Het 19de-eeuwse vissershuisje in het park wordt voor de bezoekers als museumherberg ingericht.
Het archeologisch en historisch onderzoek verschaft geleidelijk een inzicht in de uitzonderlijke historische en archeologische waarde van abdij en zijn materiële overblijfselen. Dit leidt in 1986 tot de bescherming (als monument) van de abdijruïnes.
Hiërarchie in het klooster:
Abt: staat aan het hoofd van de abdij. Hij nam de geestelijke, bestuurlijke en praktische beslissingen.
Prior: had de dagelijkse leiding in de abdij en hield toezicht op de novices.
Monniken: waren vaak edelen die de gelofte hadden afgelegd.
Lekenbroeders: waren de werkers. Zij kwamen vooral uit de boerenstand. Ze hoefden de geloften niet af te leggen.
Familiares: was het personeel. Oude mannen, vrouwen en kinderen hielpen in het huishouden.
Alle bezoekers van het Abdijmuseum Ten Duinen worden verwelkomd in 'Castel Fiertel', de bijzondere villa op de hoek van de Jaak van Buggenhoutlaan en de Koninklijke Prinslaan.
Eeuwenlang domineerde het silhouet van de Duinenabdij het landschap, tot de tand des tijds alles onder het zand bedolf.
Opgravingen en grondige restauratiecampagnes haalden het grondplan van de abdij weer te voorschijn.
Een beetje geschiedenis:
1107: De Franse kluizenaar Ligerius trekt zich terug in de duinen van Koksijde. Er ontstaat een kleine gemeenschap die tot benedictijnenabdij wordt omgevormd.
1138: aansluiting bij de Orde van Cîteaux.
1139: Robrecht van Brugge, vriend van Bernard van Clairvaux, is de eerste cisterciënzerabt. e abdij telt 15 monniken en 13 lekenbroeders. De groei is spectaculair.
1214: begin van de bouw van de abdijkerk (voltooid in 1262).
1253: de abdij telt nu 120 monniken en 248 lekenbroeders.
Tussen 1260 en 1275 groeit de oppervlakte van het abdijbezit uit tot 10.000 ha.
1302: het verzet van de Vlamingen tegen de Franse koning, dat uiteindelijk leidt tot de Guldensporenslag, heeft zware gevolgen voorde Duinheren die partij hebben gekozen voor de Leliaerts. Uit wraak worden tal van abdijbezittingen verwoest.
1339: begin van de Honderdjarige Oorlog.
14de eeuw: de Zwarte Dood decimeert de Europese bevolking. Armoede, oorlog en hongersnood teisteren Vlaanderen. Daarnaast krijgt de abdij te kampen met een steeds grotere terugval van het aantal monniken, de toenemende verzanding en stijgend grondwater. De monniken willen weg uit de vervallen en veel te grote abdij, maar hogere besturen weigeren elk verzoek.
16de eeuw: terugval van het aantal monniken naar 25. Uiteindelijk trekt de gemeenschap zich na de Beeldenstorm en het kortstondige protestantse bewind over de regio terug op de uithof Ten Bogaerde, een abdijhoeve.
1627: verhuizing naar Brugge, in de 'refuge' ter Doest. Bouw van een nieuwe, kleinere abdij in Brugge, met afbraakmateriaal uit Koksijde.
17de eeuw: stuifduinen nemen bezit van de site.
1833: Dood van de laatste Duinheer, Nikolaas De Roover. Alle bezittingen van de abdij gaan over naar de Brugse kloosters en het bisdom Brugge. De abdijgebouwen in Brugge worden gebruikt als Grootseminarie.
1894: Idesbald van der Gracht, de derde abt van de abdij, wordt zalig verklaart. Dit gebeuren wordt feestelijk gevierd en is ook de aanleiding om op zoek te gaan naar de oorspronkelijke vestiging te Koksijde.
1897: de eerste sporen worden terug gevonden. De kerk en het pand worden onder een 3 meter dikke zandlaag gelokaliseerd. Het hoge grondwaterpeil dwingt de onderzoekers echter hun activiteiten te staken.
1911: het onderzoek in opdracht van de Brusselse Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis wordt terug verder gezet. Een aantal opgegraven voorwerpen worden hierbij naar de Koninklijke Musea overgebracht.
Pas in 1949 start men in Koksijde met systematische opgravingen.
Vanaf 1959 wordt de abdijsite O.L.V. Ten Duinen een museum. De in Koksijde gevonden artefacten krijgen hierbij een veilige thuishaven. Inhoudelijk wordt het museum opgevat als een dubbelmuseum met enerzijds een archeologische-historisch, en anderzijds een natuurwetenschappelijk en - historisch luik.
Het 19de-eeuwse vissershuisje in het park wordt voor de bezoekers als museumherberg ingericht.
Het archeologisch en historisch onderzoek verschaft geleidelijk een inzicht in de uitzonderlijke historische en archeologische waarde van abdij en zijn materiële overblijfselen. Dit leidt in 1986 tot de bescherming (als monument) van de abdijruïnes.
Hiërarchie in het klooster:
Abt: staat aan het hoofd van de abdij. Hij nam de geestelijke, bestuurlijke en praktische beslissingen.
Prior: had de dagelijkse leiding in de abdij en hield toezicht op de novices.
Monniken: waren vaak edelen die de gelofte hadden afgelegd.
Lekenbroeders: waren de werkers. Zij kwamen vooral uit de boerenstand. Ze hoefden de geloften niet af te leggen.
Familiares: was het personeel. Oude mannen, vrouwen en kinderen hielpen in het huishouden.
maandag 4 april 2016
Weekendje Koksijde
Dit jaar was de vakantiewoning gelegen ergens midden tussen Koksijde-Bad en St.Idesbald, op een paar honderd meter van de tramhalte "Koksijde-Ster der Zee" en op 500m van het strand. Het was een mooie ruime woning met voldoende comfortabele slaapkamers. Al waren de slaapkamers in het souterrain iets moeilijker bereikbaar. De trap was van het zeer steile type en je moest dus uiterst voorzichtig zijn. Maar de bedden maakten veel goed. Deze waren van een uitstekende kwaliteit.
Niet zo ver van de vakantiewoning, op een paar honderd meter, ligt de kerk van Onze-Lieve-Vrouw-Ter-Duinen.
Deze kerk met een heel speciale vorm werd gebouwd tussen 1959 en 1964 naar de plannen van architect Jozef Lantsoght (°1912 - +1988) uit Brugge. Het is een der best geslaagde moderne kerkgebouwen in Vlaanderen.

Ze werd dan ook op 27/05/2005 beschermd.
Door de vele mooie, moderne glasramen is het een ware kathedraal van het licht die plaats biedt aan 1600 kerkgangers.
Het voelt een beetje bizar als je de kerk binnen gaat.
Binnenin is ze zeer sober versierd en toch voelt het niet kaal aan.
Achter de kerk staat het "Huisje Nys-Vermote".
Dit huisje werd gebouwd ergens tussen 1855 en 1865 en dankt haar naam aan de oorspronkelijke bewoners, Carol Nys en Isidoor Vermote, de grootvader en oom van striptekenaar Jef Nys, de geestelijke vader van stripfiguur Jommeke.
Sinds 2000 is het leuke kleine vissershuisje eigendom van de gemeente Koksijde. Het huisje is ondertussen een beschermd monument en je kunt het gratis bezoeken.
Zoals overal langs de kust kan je ook in Koksijde genieten van enkele kunstwerken die deel uitmaken van het "Beeldenpark Beaufort".
Het Franse kunstenaarskoppel Poirier liet zich in 2003 inspireren door de kerkruïne van de Abdij Ten Duinen. Het grondplan van de kerk werd een monumentale stalen constructie, verticaal opgetrokken met de zee als achtergrond.
In 2003 kon de bezoeker tot boven in het werk klimmen en zo kreeg Acqua Scivola een bijkomende functie als uitkijktoren. Deze toegangsdeuren zijn nu toe gelast.

Op de Koninklijke Baan richting Sint-Idesbald staat het moderne standbeeld uit 1997 van Idesbaldus.
De abt, die door de abdij een grote economische bedrijvigheid in de streek ontwikkelde, staat boven een elektriciteitscabine als beheerder van onze hedendaagse welvaart.
Ook dit jaar mocht een groepsactiviteit niet ontbreken. Onze keuze was gevallen op een "escape-room". Je wordt opgesloten in een kamer en aan de hand van allerlei tips moet je de sleutel zien te vinden om te ontsnappen.
Niet gepanikeerd, als je na een uur de sleutel niet hebt gevonden, doen ze de deur open.
Spannend is het wel.
We hadden ons in 2 groepen gesplitst en werden opgesloten in 2 identieke kamers. Om ter vlugst buiten dus.
Als je nadien op het terras nog even zit na te genieten heb je gespreksonderwerpen genoeg.
Bovendien was er ook volop gelegenheid voor de kleinsten om zich te amuseren op de speeltuigen of rond de dieren.
Ook zin om een namiddag te relaxen? Kijk maar op www.bowlingdekegel.be
Het was een prachtig weekend. Op zondag konden we zelfs van een zomerzonnetje genieten. Jammer genoeg had ik geen echte zomerkleren ingepakt. Wel dingen voor als het iets warmer was, maar een echt zomerkleedje zat daar niet tussen.
Het ganse weekend waren er allerlei kinderspelen in de Zeelaan. Vooral allerhande springkastelen. Handig was de aanduiding van de leeftijd. Zo kon je zeker zijn dat je kleine spruit niet tussen de oudere kinderen verpletterd werd.
Niet zo ver van de vakantiewoning, op een paar honderd meter, ligt de kerk van Onze-Lieve-Vrouw-Ter-Duinen.
Deze kerk met een heel speciale vorm werd gebouwd tussen 1959 en 1964 naar de plannen van architect Jozef Lantsoght (°1912 - +1988) uit Brugge. Het is een der best geslaagde moderne kerkgebouwen in Vlaanderen.

Ze werd dan ook op 27/05/2005 beschermd.
Door de vele mooie, moderne glasramen is het een ware kathedraal van het licht die plaats biedt aan 1600 kerkgangers.
Het voelt een beetje bizar als je de kerk binnen gaat.
Binnenin is ze zeer sober versierd en toch voelt het niet kaal aan.
Achter de kerk staat het "Huisje Nys-Vermote".
Sinds 2000 is het leuke kleine vissershuisje eigendom van de gemeente Koksijde. Het huisje is ondertussen een beschermd monument en je kunt het gratis bezoeken.
Zoals overal langs de kust kan je ook in Koksijde genieten van enkele kunstwerken die deel uitmaken van het "Beeldenpark Beaufort".
Het Franse kunstenaarskoppel Poirier liet zich in 2003 inspireren door de kerkruïne van de Abdij Ten Duinen. Het grondplan van de kerk werd een monumentale stalen constructie, verticaal opgetrokken met de zee als achtergrond.
In 2003 kon de bezoeker tot boven in het werk klimmen en zo kreeg Acqua Scivola een bijkomende functie als uitkijktoren. Deze toegangsdeuren zijn nu toe gelast.
Op de Koninklijke Baan richting Sint-Idesbald staat het moderne standbeeld uit 1997 van Idesbaldus.
De abt, die door de abdij een grote economische bedrijvigheid in de streek ontwikkelde, staat boven een elektriciteitscabine als beheerder van onze hedendaagse welvaart.
Ook dit jaar mocht een groepsactiviteit niet ontbreken. Onze keuze was gevallen op een "escape-room". Je wordt opgesloten in een kamer en aan de hand van allerlei tips moet je de sleutel zien te vinden om te ontsnappen.
Niet gepanikeerd, als je na een uur de sleutel niet hebt gevonden, doen ze de deur open.
Spannend is het wel.
We hadden ons in 2 groepen gesplitst en werden opgesloten in 2 identieke kamers. Om ter vlugst buiten dus.
Als je nadien op het terras nog even zit na te genieten heb je gespreksonderwerpen genoeg.
Bovendien was er ook volop gelegenheid voor de kleinsten om zich te amuseren op de speeltuigen of rond de dieren.
Ook zin om een namiddag te relaxen? Kijk maar op www.bowlingdekegel.be
Het was een prachtig weekend. Op zondag konden we zelfs van een zomerzonnetje genieten. Jammer genoeg had ik geen echte zomerkleren ingepakt. Wel dingen voor als het iets warmer was, maar een echt zomerkleedje zat daar niet tussen.
Het ganse weekend waren er allerlei kinderspelen in de Zeelaan. Vooral allerhande springkastelen. Handig was de aanduiding van de leeftijd. Zo kon je zeker zijn dat je kleine spruit niet tussen de oudere kinderen verpletterd werd.
maandag 8 februari 2016
Weekendje Westhoek
Terug thuis. Nogmaals een weekendje doorgebracht in de Westhoek. En ook nu heb ik het één en ander bezocht.
Het Memorial Museum Passchendaele 1917:
Dit museum houdt de herinnering levendig aan de Slag van Passendale waarbij in 1917 in 100 dagen tijd een half miljoen slachtoffers vielen voor slechts 8 km terreinwinst. De reden waarom Passendale internationaal symbool staat voor zinloos geweld. De Britten noemen Passendale Passion-dale of valley of suffering (dal van het lijden).
Dit museum is werkelijk de moeite waard om te bezoeken. Ik kan het iedereen aanraden.
Het museum is ondergebracht in het historisch kasteeldomein van Zonnebeke en bestaat uit verschillende delen.
Het eerste gedeelte is het museum dat een uitgebreid overzicht geeft van WOI in de streek.
Vervolgens ga je na hoe de Britten in 1917 ondergronds gingen leven omdat er boven de grond niets meer was. Deze Dugout Experience is indrukwekkend en zeker niet geschikt voor mensen die lijden aan claustrofobie.
Buiten heb je de Trench Experience, een netwerk van gereconstrueerde Duitse en Britse loopgraven waarlans originele schuilplaatsen herbouwd werden.
Het gebouw zelf werd gedurende WOI grondig verwoest. Na de oorlog werd het terug opgebouwd in een karakteristieke Normandische stijl.
In 1980 kocht de gemeente het domein.
In april 2004 werd het kasteel van Zonnebeke officieel heringericht als Memorial Museum Passchendale 1917.
Dit museum heeft een grote indruk gemaakt. Het offer dat duizenden jonge mensen hebben gebracht opdat wij zouden kunnen leven zoals we nu doen ... dat mag nooit vergeten worden.
Talbot House;
Tijdens WOI maakt Poperinge deel uit van het kleine stukje onbezet België. Hier konden de soldaten even bekomen van het oorlogsgeweld.
Vanaf december 1915 bood dit herenhuis onderdak aan de soldatenclub die was opgericht door de Britse aalmoezeniers N. Talbot en P.B. (alias Tubby) Clayton. De club werd genoemd naar de gesneuvelde broer van Talbot. De bezoekers vonden er een thuis, ontspanning en een plaats om de oorlog even te vergeten en om weer mens te worden.
Het huis ademt nog altijd de sfeer uit van toen. Het straalt nog altijd rust en gezelligheid uit.
In de keuken wordt je door een Engelse dame een kop koffie of thee aangeboden, met een babbel als je dat wenst. De koffie of thee is gratis, maar je kan altijd een kleinigheidje in de box stoppen. Alle beetjes helpen om dit museum open te houden.
Ter gelegenheid van de 100ste verjaardag van het huis werd een speciale roos veredeld: de "Talbot House Roos". Bij aankoop van die roos heb je dus niet alleen een uniek souvenir maar steun je tegelijkertijd ook de restauratie en het onderhoud van dit statige herenhuis. Ik heb er alvast één gekocht. Ben benieuwd naar de bloem.
Meer info? Ga naar www.talbothouse.be.
't Weeuwhof:
Hier heb ik wel een beetje moeten naar zoeken.
Het Weeuwhof werd tussen 1769 en 1782 opgericht als pand voor alleenstaande vrouwen en weduwen ("weeuwen").
Lijssenthoek Military Cemetery:
In Poperinge, op het gehucht Lijssenthoek, was van 1915 tot 1920 het grootste veldhospitaal van de Ieperboog ingericht.
De boerderij van Remi Quaghebeur, gelegen aan de spoorlijn Poperinge-Hazebrouck, was de ideale plaats voor de triage en evacuatie van zieken en gewonden. Hij lag dicht bij het front, maar buiten het bereik van de Duitse artillerie. Tenten en barakken hadden in piekperiodes 4.000 hospitaalbedden ter beschikking.
Langs het pad naar de ingang van de begraafplaats staan 1.392 palen, 1 paal per oorlogsdag. Streepjes op iedere paal markeren hoeveel doden die dag begraven werden. Zo is niet alleen de begraafplaats maar ook de toegangsweg een spiegel van het oorlogsgeweld in de streek en verwijzen de piekdagen steeds naar een gebeurtenis aan het front, zij het met enkele dagen vertraging.
Ook deze begraafplaats, na Tyne Cot de grootste Britse begraafplaats uit WOI, is ontworpen door Sir Reginald Blomfeld. Het is een multiculturele begraafplaats met 30 nationaliteiten. Chinese dwangarbeiders, Fransen, Amerikanen, Duitsers, Britten en een Britse verpleegster liggen begraven onder de 10.779 grafzerken.
In het bezoekerscentrum kom je alles te weten over het hospitaalleven. Op de herdenkingsmuur zijn portretten aangebracht. Jaarlijks komen er nieuwe foto's bij.
Langs de weg tussen het bezoekerscentrum en de begraafplaats loopt een wandelpad waarlangs
allemaal paaltjes staan. Op de paaltjes staat bovenaan telkens een datum en onderaan een streepje voor elk slachtoffer van die dag. Uniek en indrukwekkend.
Meer info? Ga naar de website: www.lijssenthoek.be.
Het Memorial Museum Passchendaele 1917:
Dit museum houdt de herinnering levendig aan de Slag van Passendale waarbij in 1917 in 100 dagen tijd een half miljoen slachtoffers vielen voor slechts 8 km terreinwinst. De reden waarom Passendale internationaal symbool staat voor zinloos geweld. De Britten noemen Passendale Passion-dale of valley of suffering (dal van het lijden).
Dit museum is werkelijk de moeite waard om te bezoeken. Ik kan het iedereen aanraden.
Het museum is ondergebracht in het historisch kasteeldomein van Zonnebeke en bestaat uit verschillende delen.
Het eerste gedeelte is het museum dat een uitgebreid overzicht geeft van WOI in de streek.
Vervolgens ga je na hoe de Britten in 1917 ondergronds gingen leven omdat er boven de grond niets meer was. Deze Dugout Experience is indrukwekkend en zeker niet geschikt voor mensen die lijden aan claustrofobie.
Het gebouw zelf werd gedurende WOI grondig verwoest. Na de oorlog werd het terug opgebouwd in een karakteristieke Normandische stijl.
In 1980 kocht de gemeente het domein.
In april 2004 werd het kasteel van Zonnebeke officieel heringericht als Memorial Museum Passchendale 1917.
Dit museum heeft een grote indruk gemaakt. Het offer dat duizenden jonge mensen hebben gebracht opdat wij zouden kunnen leven zoals we nu doen ... dat mag nooit vergeten worden.
Talbot House;
Tijdens WOI maakt Poperinge deel uit van het kleine stukje onbezet België. Hier konden de soldaten even bekomen van het oorlogsgeweld.
Vanaf december 1915 bood dit herenhuis onderdak aan de soldatenclub die was opgericht door de Britse aalmoezeniers N. Talbot en P.B. (alias Tubby) Clayton. De club werd genoemd naar de gesneuvelde broer van Talbot. De bezoekers vonden er een thuis, ontspanning en een plaats om de oorlog even te vergeten en om weer mens te worden.
Het huis ademt nog altijd de sfeer uit van toen. Het straalt nog altijd rust en gezelligheid uit.
In de keuken wordt je door een Engelse dame een kop koffie of thee aangeboden, met een babbel als je dat wenst. De koffie of thee is gratis, maar je kan altijd een kleinigheidje in de box stoppen. Alle beetjes helpen om dit museum open te houden.
Ter gelegenheid van de 100ste verjaardag van het huis werd een speciale roos veredeld: de "Talbot House Roos". Bij aankoop van die roos heb je dus niet alleen een uniek souvenir maar steun je tegelijkertijd ook de restauratie en het onderhoud van dit statige herenhuis. Ik heb er alvast één gekocht. Ben benieuwd naar de bloem.
Meer info? Ga naar www.talbothouse.be.
't Weeuwhof:
Hier heb ik wel een beetje moeten naar zoeken.
Het Weeuwhof werd tussen 1769 en 1782 opgericht als pand voor alleenstaande vrouwen en weduwen ("weeuwen").
Lijssenthoek Military Cemetery:
In Poperinge, op het gehucht Lijssenthoek, was van 1915 tot 1920 het grootste veldhospitaal van de Ieperboog ingericht.
De boerderij van Remi Quaghebeur, gelegen aan de spoorlijn Poperinge-Hazebrouck, was de ideale plaats voor de triage en evacuatie van zieken en gewonden. Hij lag dicht bij het front, maar buiten het bereik van de Duitse artillerie. Tenten en barakken hadden in piekperiodes 4.000 hospitaalbedden ter beschikking.
Langs het pad naar de ingang van de begraafplaats staan 1.392 palen, 1 paal per oorlogsdag. Streepjes op iedere paal markeren hoeveel doden die dag begraven werden. Zo is niet alleen de begraafplaats maar ook de toegangsweg een spiegel van het oorlogsgeweld in de streek en verwijzen de piekdagen steeds naar een gebeurtenis aan het front, zij het met enkele dagen vertraging.
Ook deze begraafplaats, na Tyne Cot de grootste Britse begraafplaats uit WOI, is ontworpen door Sir Reginald Blomfeld. Het is een multiculturele begraafplaats met 30 nationaliteiten. Chinese dwangarbeiders, Fransen, Amerikanen, Duitsers, Britten en een Britse verpleegster liggen begraven onder de 10.779 grafzerken.
In het bezoekerscentrum kom je alles te weten over het hospitaalleven. Op de herdenkingsmuur zijn portretten aangebracht. Jaarlijks komen er nieuwe foto's bij.
allemaal paaltjes staan. Op de paaltjes staat bovenaan telkens een datum en onderaan een streepje voor elk slachtoffer van die dag. Uniek en indrukwekkend.
Meer info? Ga naar de website: www.lijssenthoek.be.
zondag 31 januari 2016
Planten en kruiden die de vertering bevorderen
Heel wat natuurlijke producten helpen om onze spijsvertering een handje te helpen.
Citroenmelisse:
Deze winterharde plant wordt aanbevolen bij maag- en darmaandoeningen en helpt ook bij moeilijke spijsvertering doordat ze de galproductie stimuleert.
De gedroogde bloemen en blaadjes zijn ideaal voor in een aftreksel, maar ook vers kunnen ze worden gebruikt.
Kurkuma:
Deze winterharde plant komt uit Azië en is bij ons terug te vinden als specerij (van de plant wordt enkel de wortelstok gebruikt), herkenbaar aan de felgele kleur.
Werkzaam tegen spijsverteringsproblemen, helpt om gas te verwijderen, stimuleert de vertering.
Goed om weten: peper helpt de absorptie, wat interessant is bij gebruik in de keuken.
Gember:
Net als bij kurkuma is ook hier de wortelstok het meest interessante deel van de plant.
Het werkt op de gal en de lever, op de spijsvertering, en helpt bij flatulentie.
Indien je ervoor kiest om gember vers te gebruiken, schraap dan eeerst de huid eraf en gebruik enkel het witgele vlees. Dit rasp je in fijne reepjes.
Het is zeer krachtig en geparfumeerd en past in heel wat gerechten.
Pepermunt:
Stimuleert de spijsverteringsfuncties, werkt antispasmodisch en vermindert flatulentie.
Verwerkt in een kruidenaftreksel is het zelfs een aangename manier om de avond af te sluiten.
Rammenas:
Stimuleert de spijsvertering en werkt zuiverend en versterkend op de gal,wat zeer belangrijk is voor mensen met leverkwalen.
Gehakt en gemengd met verse platte kaas met wat tuinkruiden op een klein toastje, is het zowaar een delicatesse.
Een andere optie is de rammenas door de centrifuge te halen en de jus net voor de maaltijd in te nemen. Een drietal soeplepels volstaan.
Venkel:
Hier is niet alleen de knol heilzaam, ook de bladeren, granen, bloemen zijn werkzaam tegen maag-darmproblemen.
Voor een tisane die de spijsvertering bevordert, gebruik je het best de bloemen of de graantjes (vooral fijnstampen in een vijzel).
Ik vind venkelsoep heel lekker en maak die regelmatig klaar. Ik zou er wel een gewoonte moeten van maken om er een beetje gember in te doen.
Citroenmelisse:
Deze winterharde plant wordt aanbevolen bij maag- en darmaandoeningen en helpt ook bij moeilijke spijsvertering doordat ze de galproductie stimuleert.
De gedroogde bloemen en blaadjes zijn ideaal voor in een aftreksel, maar ook vers kunnen ze worden gebruikt.
Kurkuma:
Deze winterharde plant komt uit Azië en is bij ons terug te vinden als specerij (van de plant wordt enkel de wortelstok gebruikt), herkenbaar aan de felgele kleur.
Werkzaam tegen spijsverteringsproblemen, helpt om gas te verwijderen, stimuleert de vertering.
Goed om weten: peper helpt de absorptie, wat interessant is bij gebruik in de keuken.
Gember:
Net als bij kurkuma is ook hier de wortelstok het meest interessante deel van de plant.
Het werkt op de gal en de lever, op de spijsvertering, en helpt bij flatulentie.
Indien je ervoor kiest om gember vers te gebruiken, schraap dan eeerst de huid eraf en gebruik enkel het witgele vlees. Dit rasp je in fijne reepjes.
Het is zeer krachtig en geparfumeerd en past in heel wat gerechten.
Pepermunt:
Stimuleert de spijsverteringsfuncties, werkt antispasmodisch en vermindert flatulentie.
Verwerkt in een kruidenaftreksel is het zelfs een aangename manier om de avond af te sluiten.
Rammenas:
Stimuleert de spijsvertering en werkt zuiverend en versterkend op de gal,wat zeer belangrijk is voor mensen met leverkwalen.
Gehakt en gemengd met verse platte kaas met wat tuinkruiden op een klein toastje, is het zowaar een delicatesse.
Een andere optie is de rammenas door de centrifuge te halen en de jus net voor de maaltijd in te nemen. Een drietal soeplepels volstaan.
Venkel:
Hier is niet alleen de knol heilzaam, ook de bladeren, granen, bloemen zijn werkzaam tegen maag-darmproblemen.
Voor een tisane die de spijsvertering bevordert, gebruik je het best de bloemen of de graantjes (vooral fijnstampen in een vijzel).
Ik vind venkelsoep heel lekker en maak die regelmatig klaar. Ik zou er wel een gewoonte moeten van maken om er een beetje gember in te doen.
Abonneren op:
Posts (Atom)

