Kaas is een ideale smaakmaker bij verschillende soorten brood, maar ook in slaatjes en bereidingen. Kaas gaat ook goed samen met vijgen, olijven, noten, druiven en stukjes peer en appel.
Persoonlijk vind ik een broodje met brie, honing, noten en rozijnen heel lekker.
Kaas is een goede bron van eiwitten, calcium en verschillende vitaminen. Dit zijn belangrijke voedingsstoffen voor onder andere de opbouw en het onderhoud van de botten en het gebit. De voedingsdriehoek beveelt gemiddeld één tot twee sneetjes kaas per dag aan.
Het vetgehalte en zoutgehalte kan sterk variëren tussen verschillende soorten kaas. Raadpleeg het etiket.
Het vetgehalte van kaas wordt meestal aangeduid met een cijfer en een plusteken (vb: 48+, 30+). Dat betekent dat het percentage vet aangeduid wordt per 100 gr droge stof en niet per 100 gr kaas. Deel je het cijfer voor het plusteken door twee, dan bekom je voor de meeste kazen bij benadering de hoeveelheid vet voor 100 gr kaas.
Kaas bevat gemiddeld 40 tot 50% water. Uitzonderingen zijn cottage cheese, plattekaas en smeerkaas, deze bevatten meer vocht.
Een sneetje kaas van 20 gr levert ongeveer evenveel calcium als een glas melk. Maar ook meer vet. Vandaar het belang om calciumbronnen te variëren.
Kaas eten beschermt de tanden tegen cariës. Een stukje kaas na de maaltijd is dus nog niet zo slecht bedacht door de Fransen. Maar kaas eten kan het dagelijkse poetsen van de tanden zeker niet vervangen.
Kaas met gaten ontstaat door gasvorming in de kaas onder invloed van specifieke melkzuurbacteriën die ook voor de lekkere smaak en het typische aroma zorgen.
zondag 30 augustus 2015
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)

Geen opmerkingen:
Een reactie posten