zondag 5 september 2010

Schaapherder

2010 is uitgeroepen tot het Internationale jaar van de Biodiversiteit. Het jaar waarin wordt nagegaan hoe het nu eigenlijk zit met onze planten en dieren.

Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat rondtrekkende schapen via vacht, poten en uitwerpselen heel wat zaden, sporenelementen, insecten en kleine diersoorten kunnen verspreiden. Omdat steeds meer natuur versnipperd ligt en gebieden niet langer met mekaar verbonden zijn, kunnen schapen die verbinding herstellen. Schapen hebben de heide altijd begraasd en het landschap mee gevormd. Daarom hebben enkele Europese schaapherders besloten om met hun kudde schapen een tocht door Europa te maken.

Op 5 juni vertrok een kudde van een 600-tal schapen vanuit hartje Berlijn voor een 1200 kilometer lange tocht door Duitsland, Nederland, België en Luxemburg.
De hele zomer trok de sliert schapen door Duitsland. Maar niet altijd met dezelfde schapen. Om de zoveel tijd werd de kudde ingewisseld door een andere van weer een nieuwe herder. Tot ze aan de Maas kwamen, daar werd de estafettestaf overgedragen aan herder Johan Schouteden. Hij is al 30 jaar schaapherder en eigenaar van de hoeve "Sonnesheid" vlakbij het militair oefendomein van Helchteren.
Tussen 1 en 15 september trekt hij met zijn kudde van Maaseik naar Brussel.

De route werd uitgestippeld in samenwerking met enkele boswachters van de Vlaamse overheid. De schapentrek loopt voor 90% over onverharde wegen omdat schapenhoeven geen asfalt of beton verdragen. Dat doet de hoeven slijten en de schapen manken.
Met deze stunt tonen ze ook aan dat er nog steeds paden zijn in Vlaanderen waarlangs je een kudde kan drijven. Dat er prachtige routes zijn waarlangs geen huis te zien is.
Normaal grazen de schapen op de open heide. Daar weten ze de weg. En als ze de weg vergeten, gidsen de honden hen wel verder. De schapen doen gemiddeld 10 à 15 km per dag. Rekening houdend met de pauzes maakt dat een slentertempo van 2 km per uur. Een hele prestatie, gezien ze geen moment stoppen met grazen. Soms willen ze echt geen stap meer verder zetten. En als er geen beweging in te krijgen is, kan je alleen maar geduldig wachten.

Met een kudde schapen door Vlaanderen trekken, doe je echter niet alleen. Dat zou nooit lukken. Daarom helpen, naast familieleden van de herder, ook "de bende van de geburen", mee. Dit zijn vooral kerels, meestal gepensioneerden, die zo nu en dan helpen op de boerderij en die twee weken avontuur wel zien zitten.

De aankomst is voorzien in het Brusselse Terkamerenbos. Verder het centrum in kan niet. Sinds boeren er ooit hun koeien en varkens loslieten, mag er geen vee meer de stad in.

Onder een eindeloos herhaalde "komkomkomkomkom" wormt de kudde schapen zich langs onverharde paden, karrensporen en boswegels door het Vlaamse landschap. En dit enkel om hun eeuwenoude stiel te promoten bij de Europese leiders, hen ervan te overtuigen dat schapen de natuur kunnen herstellen.

De 160 km lange tocht kan je van dag tot dag volgen via http://www.movingsheep.be/.
En op http://www.herderstocht.be/ kan je heel wat achtergrond informatie vinden.
Veel elementen uit dit berichtje werden gehaald uit een krantenartikel van 4&5 september 2010

Geen opmerkingen: