dinsdag 25 mei 2010

Weekendje Loirevallei

Reeds jaren volg ik avondschool Frans. Ieder jaar wordt een "schoolreis" georganiseerd. Dit jaar ging de reis naar de Loirevallei met zijn kastelen en ben ik ook eens meegegaan. Het is een onvergetelijke ervaring geworden.

Hieronder volgt een korte samenvatting van een fantastisch "weekendje weg":

Zaterdag:
Rond 6u40 vertrokken we voor een blitsbezoek aan de Loirevallei.
De Loire is de langste stroom van Frankrijk (ca. 1000 km) en loopt volledig over Frans grondgebied. Langs deze Loire liggen verschillende mooie tot heel mooie kastelen en kasteeltjes.

Na een pauze van ongeveer een uur en een monsterfile rond Parijs kwamen rond 13u eindelijk aan in Chartres. Slechts een half uurtje later dan voorzien op het programma.
Eerst en vooral hebben we de beroemde kathedraal bezocht. Daarna, met een broodje in de hand, konden we rustig de oude binnenstad verkennen.

Chartres, gelegen op de oevers van de Eure, is vooral bekend door zijn kathedraal "Notre-Dame". Deze kathedraal behoort tot de grootste kerkgebouwen van Frankrijk.
Enkele bijzonderheden:
- de 172 schitterende glasramen uit de 12de en 13de eeuw in een overwegend intens blauwe kleur (in totaal 2600m2).
- in een zijkapel bevindt zich de "Sancta Camissa" of de "Heilige Sluier van Maria"
- het labyrint in de vloer van de hoofdbeuk uit de 13de eeuw bestaande uit witte Berchères-stenen en zwarte marmer. Het is één van de grootste labyrinten in Frankrijk met een diameter van 12,88 m en een traject van 261,50 m. Dit labyrint heeft nog nooit enige restauratie ondergaan. Als je het labyrint van bovenaf bekijkt zie je duidelijk de vier armen van een gelijkvormig kruis, een waar christelijk symbool. Dit in tegenstelling tot het Christuskruis dat een katholiek symbool voor lijden is.
Chartres ligt op de bedevaartroute naar Santiago de Compostela in Spanje en veel bedevaarders volgden de route van het labyrint in de vloer op hun knieën als boetedoening. In het centrum staat een roos, symbool van Verlichting.
Iedere vrijdag vanaf april tot oktober worden de stoelen opzij geschoven en kan het traject gevolgd worden.
- het koperen dak. In 1836 verwoeste een brand het oude gebinte van het dak. Het dakwerk werd hersteld in gietijzer met een koperen bedekking: vandaar het bijzondere uitzicht van de kathedraal.

Zaterdag avond:
Rond 18u30 kwamen we aan in het hotel. Eventjes opfrissen en daarna aan tafel. De franse keuken is nu niet bepaald de belgische en Belgen staan nu wel bekend als Bourgondiërs, maar hier had ik toch wat anders verwacht.
Ik ben nu niet bepaald een moeilijk mens en pas mij gemakkelijk aan, maar van het eten kan ik alleen maar zeggen: het was eetbaar. Het was overduidelijk dat het personeel van het hotel geen ervaring had met grote groepen. (64 mensen kon je bezwaarlijk een klein groepje noemen)
Jammer ook dat het hotel gelegen was in een industriezone. Ik had gehoopt om nog een kleine avondwandeling te maken in Blois, maar het was ongeveer 3/4 uur stappen naar Blois en dan moest je nog terugkeren. We hebben in de plaats daarvan genoten van een flesje wijn.

Zondag voormiddag:
Begeleid bezoek aan de stad Tours:
Tijdens de 100-jarige oorlog was Tours de hoofdstad van Frankrijk. Daarna verhuisde koning Frans I naar Parijs zodat Parijs de hoofdstad werd.
Ook Tours ligt op een bedevaartroute naar Santiago de Compostela. Vandaar ook de kleine koperen
St Jakobsschelpjes (symbool voor de bedevaartgangers) in de voetpaden.
Een gids leidde ons langs de bijzonderste monumenten. We eindigden in de gezellige oude binnenstad, midden tussen kleine restaurantjes. Gezien het ondertussen tijd was voor het middagmaal, en de ervaring van de vorige avond in gedachten, besloten we om ietsje meer te eten dan een broodje. Op de Place Plumereau hebben we ons onmiddellijk een plaatsje toegeëigend. We hebben er genoten van een Kir Breton (op basis van cider) en une galette au jambon met natuurlijk een glaasje cider erbij.

Zondag namiddag:
Ons eerst kasteel(tje): Chenonceau - le château des Dames (www.chenonceau.com):
Dit elegante kasteeltje werd in de 16de eeuw gebouwd op de Cher. De geschiedenis ervan is verbonden aan enkele opmerkelijke vrouwen waaronder: Diane de Poitiers (1499-1566), Catherine de Médicis (1519-1589), Louise de Lorraine (1553-1601), Louise Dupin (1706-1799).
Veel tijd om dit pareltje te bezoeken was er niet en er was ook te veel volk om gezellig te zijn. Maar met een kleine planning konden we toch deze ruimtes bezoeken die ons het meeste boeiden (en natuurlijk de nodige foto's te maken)
Zondag in de late namiddag:
De Loire heeft ook een rijke keuze aan unieke wijnen. Keuze te over aan kleuren (wit, rosé, rood), soorten (niet-bruisend, licht bruisend, sterk bruisend) en smaken (droog, half droog, zoet, zacht en likeurachtig).
Zo rond 17 uur bezochten we de wijnkelder van Monmousseau in Montrichard (www.monmousseau.com). De firma Monmousseau bestaat reeds sinds 1886. Hun kelders (15 km lang) zijn gevestigd in een oude steengroeve. Uitaard bezochten we maar een klein gedeelde van deze kelders. We kregen er uitleg over het rijpingsproces van de bruisende wijnen. Nadien mochten we ook eens proeven van een mousserende, een witte en een rode wijn.
Ik was niet de enige die zich heeft laten verleiden tot de aankoop van enkele flessen.

Zondag avond:
Blois - Son et Lumière:
Rond 21u30 vertrokken we nog richting kasteel van Blois waar een prachtig klank en lichtspel op de muren van het binnenplein van het kasteel werd getoond (www.chateaudeblois.fr). Eerst kregen we een kleine geschiedenisles, daarna volgde het verslag van een lugubere moord: in de koninklijke appartementen van Hendrik III werd op 23 december 1588 de hertog van Guise vermoord met 23 messteken.

Maandag voormiddag:
Bezoek aan ons tweede kasteel: Chambord - un rêve de pierre (www.chambord.org):
Koning Frans I hield van de jacht en gaf in 1519 opdracht om dit kasteel te bouwen in het "Forêt de Boulogne" langs de rivier de Cosson. De 100-jarige oorlog was voorbij en kastelen hadden niet langer een verdedigende functie. Vandaar ook dat dit kasteel uitsluitend werd gebouwd als comfortabel onderkomen voor de koning en zijn gasten. Zijn 440 kamers, 84 trappen en 365 schoorstenen zijn zeker een bezoek waard.
Het domein is heden ten dage het grootste ommuurde park ter wereld. Met zijn 5440 hectaren en 32 km muur is het even groot als de Parijse binnenstad.
Tip: start je bezoek met de spectaculaire trap in het midden van het kasteel. Deze 2 boven elkaar gebouwde wenteltrappen die elkaar niet raken (vermoedelijk een ontwerp van Leonardo da Vinci) geven je toegang tot het ruime dakterras. Vandaaruit kan je het panorama en de talrijke schoorstenen bewonderen.

Maandag namiddag:
Als afsluiter konden we nog even in Orléans rondkuieren.
De stad Orléans is vooral verbonden met de naam Jeanne d'Arc, ook bekend als de Maagd van Orléans. Wie was zij? Heel, heel, heel kort samengevat:
Zij werd geboren op 6 januari 1412. Op 18 jarige leeftijd hoort zij stemmen die haar bevelen om de Engelsen te verdrijven uit Orléans. Dit was het begin van de Franse opstanding tegen de Engelse bezetter. In 1430 werd ze gevangen genomen en op 30 mei 1431 werd ze door de Engelsen als heks terechtgesteld op de brandstapel in Rouen. In 1450 kreeg ze postuum een nieuw proces en werd ze onschuldig verklaard. In 1920 werd ze uiteindelijk heilig verklaard.
Rond 16 uur ging het definitief richting Gent (waar we rond 22u15 aankwamen).

Schone liedjes duren niet lang en dit weekendje is daar een perfect voorbeeld van. We hebben heel mooie dingen gezien op een heel korte periode (voor deze organisatie moeten we Daniel danken) met af en toe wat achtergrondinformatie (daarvoor danken we Marleen) zodat we toch niet geheel onwetend deze beroemde plaatsen moesten bezichtingen. Natuurlijk mogen we ook de buschauffeur niet vergeten: ik kan niet anders dan bewondering hebben voor de kundige wijze waarop hij zo'n log gevaarte door smalle straatjes en nauwe bochten wisten te laveren.

Ik mag wel zeggen dat mijn eerste kennismaking met de kastelen van de Loire een geweldige indruk heeft gemaakt. Ik ga zeker nog eens terug.

Geen opmerkingen: